المفردات
6551 كلمة · صفحة 256 من 263
de zandgrondB2
تربة رملية
Zandgrond droogt sneller uit.
de zangerA2
مغنٍّ
De zanger kwam op het podium en iedereen juichte.
de zaterdagA1
السبت
Op zaterdag doe ik boodschappen.
het zebrapadA2
ممر المشاة
Steek over bij het zebrapad.
de zeeA1
بحر
De zee is vandaag onrustig.
de zeearmB2
ذراع بحري
De zeearm werd afgesloten met een dam.
de zeefB2
مصفاة
Giet de pasta af in een zeef.
de zeepA1
صابون
Was je handen met zeep.
zeerB1
جدًا (رسمي)
De service in dit hotel was zeer goed.
de zeespiegelB2
مستوى سطح البحر
De zeespiegel stijgt langzaam.
de zeespiegelstijgingB2
ارتفاع مستوى البحر
Zeespiegelstijging bedreigt laaggelegen landen.
de zeevaartB2
الملاحة البحرية
De zeevaart bracht het land welvaart.
zeggenA1شاذّ
zei · zeiden · hebben gezegd
يقول
Wat zei je?
het zeilB2
شراع
De boot heeft een groot wit zeil.
zekerA1
متأكد
Weet je dat zeker?
de zekerheidB1
يقين، ضمان
Een vast contract geeft meer zekerheid.
zeldenA2
نادرا
Ik ga zelden naar de bioscoop.
zeldzaamB1
نادر
Deze vogel is heel zeldzaam in Nederland.
zelfA1
بنفسه
Dat heb ik zelf gemaakt.
het zelfbeeldB2
صورة الذات
Sociale media beïnvloeden het zelfbeeld van jongeren.
de zelfbeheersingB2
ضبط النفس
Hij verloor even zijn zelfbeheersing.
de zelfredzaamheidB2
الاعتماد على النفس
De zorg is gericht op zelfredzaamheid van de patiënt.
zelfsB1
حتى (للتأكيد)
Zelfs op zondag werkt hij in de winkel.
de zelfscankassaB2
صندوق الدفع الذاتي
Bij de zelfscankassa is bijna nooit rij.
de zelfspotB2
السخرية من الذات
Zelfspot maakt iemand sympathiek.

