المفردات
217 كلمة · صفحة 2 من 9
diepA2
عميق
Het water is hier te diep om te staan.
digitaalA2
رقمي
Het examen wordt digitaal afgenomen.
dikA1
سميك
Trek een dikke jas aan.
directA1
مباشر، صريح
Nederlanders zijn vaak heel direct.
domA2
غبي
Ik heb een dom foutje gemaakt in mijn brief.
donkerA1
مظلم
In de winter is het om vijf uur al donker.
doodA2
ميت
De plant is dood, want ik vergat water te geven.
de dood
موت
Na de dood van zijn vader verhuisde hij naar Utrecht.
droogA1
جاف
De was is nog niet droog.
drukA1
مزدحم
Het is druk in de stad.
duidelijkA1
واضح
Is het nu duidelijk?
dunA1
رفيع
Snijd het brood dun.
duurA2
غالي
Die telefoon is te duur.
de duur
مدة
De duur van de cursus is zes maanden.
duurzaamA2
مستدام
Ze zoeken een duurzame oplossing.
echtA1
حقيقي، حقا
Is dat echt waar?
economischA2
اقتصادي
De economische situatie is onzeker.
eenzaamA2
وحيد
In het begin voelde hij zich eenzaam.
eerlijkA2
صادق؛ عادل
Wees eerlijk, vind je mijn nieuwe kapsel mooi?
eigenA2
خاص بـ (ملك)
Na mijn studie wil ik een eigen huis.
eindelijkA2
أخيرا
Eindelijk is de brief er.
de enkelA1
كاحل
Ik heb mijn enkel verzwikt.
واحد، أي؛ فقط
Er is geen enkele reden om je zorgen te maken.
enormA2
ضخم
Het nieuwe ziekenhuis is een enorm gebouw.
enthousiastA2
متحمس
De klas was enthousiast over het uitje.
extraA2
إضافي
Voor een extra koffer betaal je dertig euro.
fantastischA2
رائع جدًّا
We hebben een fantastische vakantie gehad.
favorietA2
مفضّل
Wat is jouw favoriete gerecht uit je eigen land?

