المفردات
2767 كلمة · صفحة 105 من 111
het werkbriefjeA2
كشف ساعات العمل
Lever je werkbriefje op vrijdag in.
de werkdagA2
يوم عمل
Het was een lange werkdag.
het werkdocumentB1
وثيقة عمل
Bewaar dit werkdocument goed.
werkelijkB1
حقًّا
Ik weet werkelijk niet wat ik moet doen.
werkenA1
werkte · hebben gewerkt
يعمل
Zij werkt in een ziekenhuis.
يعمل (عن جهاز)
De lift werkt vandaag niet.
de werkervaringB1
خبرة عملية
Voor deze baan is werkervaring vereist.
het werkgelukB1
السعادة في العمل
Werkgeluk hangt niet alleen van het salaris af.
de werkgeverA2
صاحب العمل
Mijn werkgever betaalt de cursus.
de werkgeversverklaringB1
إفادة من صاحب العمل
Voor de hypotheek heb je een werkgeversverklaring nodig.
de werkhoudingB1
سلوك العمل
Zijn werkhouding is voorbeeldig.
de werkinstructieA2
تعليمات العمل
Lees de werkinstructie goed door.
werkloosB1
عاطل عن العمل
Hij is sinds januari werkloos.
de werknemerB1
موظف
Elke werknemer heeft recht op vakantiedagen.
de werkomgevingA2
بيئة العمل
Ik heb een prettige werkomgeving.
de werkopdrachtB1
تكليف عمل
Ik kreeg een nieuwe werkopdracht van mijn leidinggevende.
het werkoverlegB1
اجتماع العمل
Elke maandag is er werkoverleg.
het werkplanA2
خطة العمل
We maken eerst een werkplan.
de werkplekA2
مكان العمل
Mijn werkplek is bij het raam.
het werkplezierB1
متعة العمل
Werkplezier is net zo belangrijk als salaris.
de werkrelatieB1
علاقة العمل
Een goede werkrelatie maakt het werk prettiger.
het werkritmeB1
إيقاع العمل
Na de vakantie moet ik mijn werkritme weer vinden.
het werkschemaB1
جدول العمل
Mijn werkschema wisselt per week.
de werksfeerB1
أجواء العمل
De werksfeer op kantoor is prettig.
de werksituatieB1
الوضع الوظيفي
Beschrijf je huidige werksituatie.
de werkstageB1
تدريب عملي في العمل
Zijn werkstage duurt drie maanden.

