المفردات
158 كلمة · صفحة 5 من 7
de toelichtingB1
إيضاح
Bij het formulier zit een korte toelichting.
toenA2
عندما (في الماضي)؛ آنذاك
Toen ik klein was, woonde ik in een dorp.
het toernooiB1
بطولة
Onze club organiseert elk jaar een toernooi.
de toeslagA2
بدل، إعانة
Je kunt bij de Belastingdienst een toeslag aanvragen.
de toeslagaanvraagB1
طلب البدل
De toeslagaanvraag doe je online.
toestaanA2قابل للانفصالشاذّ
stond toe · stonden toe · hebben toegestaan
يسمح
Honden zijn hier niet toegestaan.
de toestemmingB1
موافقة، إذن
Je hebt toestemming nodig van de gemeente.
de toetsB1
اختبار
Morgen hebben we een toets.
de toetsweekB1
أسبوع الاختبارات
Volgende maand is de toetsweek.
toevalligA2
بالصدفة
Ik zag mijn oude leraar toevallig in de supermarkt.
toevoegenB1قابل للانفصال
voegde toe · hebben toegevoegd
يضيف
Voeg nog een beetje zout aan de soep toe.
het toiletA1
مرحاض
Waar is het toilet?
de tomaatA1
طماطم
Doe een tomaat in de salade.
tonenB1
toonde · hebben getoond
يُظهر، يُبرز
Kunt u bij de ingang uw kaartje tonen?
de tongA1
لسان
Steek uw tong uit, zegt de dokter.
de toonA2
نبرة
Zijn toon was nogal onvriendelijk.
de toonbankB1
منضدة البيع
De verkoper legt het brood op de toonbank.
de topB1
قمة
Na drie uur lopen stonden we op de top.
totA1
حتى
De winkel is open tot zes uur.
tot ziensA1
إلى اللقاء
Tot ziens, fijne dag nog!
totaalB1
إجمالي
Het totale bedrag is vijftig euro.
totdatB1
حتى (يحدث)
Wacht hier totdat de dokter je roept.
het touwA1
حبل
Bind de doos vast met touw.
de traditieB1
تقليد
Sinterklaas is een Nederlandse traditie.
traditioneelB1
تقليدي
Op feestdagen eten we een traditioneel gerecht.

