المفردات
132 كلمة · صفحة 3 من 6
de pinbetalingA2
الدفع بالبطاقة
Alleen pinbetaling is hier mogelijk.
de pindakaasA1
زبدة الفول السوداني
Pindakaas is populair in Nederland.
pinnenA2
pinde · hebben gepind
يدفع بالبطاقة
Kan ik hier pinnen?
de pinpasA2
بطاقة مصرفية
Mijn pinpas werkt niet meer.
de pizzaA1
بيتزا
Vanavond bestellen we pizza.
de plaatsA1
مكان
Is deze plaats vrij?
plaatsenB1
plaatste · hebben geplaatst
يضع، ينشر
Ik heb een advertentie op de website geplaatst.
plaatsvindenB1قابل للانفصالشاذّ
vond plaats · vonden plaats · hebben plaatsgevonden
يُقام، يحدث
De bijeenkomst vindt plaats in het buurthuis.
het plafondA1
سقف
Het plafond is net geverfd.
het planA1
خطة
Wat is het plan voor morgen?
plannenA2
plande · hebben gepland
يخطط
We moeten de verhuizing naar Utrecht goed plannen.
de plantA1
نبتة
Vergeet de planten niet water te geven.
het plasticA2
بلاستيك
Plastic gooien we bij ons in een aparte zak.
het plattelandB1
الريف
Op het platteland is het veel rustiger.
het pleinA1
ساحة
Op het plein is elke week markt.
de plekA2
مكان، موضع
Is deze plek naast u nog vrij?
het plezierA2
متعة
De kinderen hebben veel plezier in het zwembad.
de ploegB1
فريق؛ مناوبة
Onze ploeg won vorige week de finale.
de ploegendienstA2
عمل بنظام الورديات
Hij werkt in ploegendienst.
de plotselingA2
فجأة
Plotseling begon het te regenen.
poetsenA1
poetste · hebben gepoetst
ينظف بالفرشاة
Poets je tanden twee keer per dag.
de pogingB1
محاولة
Hij haalde het examen bij de tweede poging.
het poldergebiedB1
منطقة البولدر
Dit poldergebied ligt onder zeeniveau.
de politicusB1
سياسي
Elke politicus belooft voor de verkiezingen veel.
de politieA1
الشرطة
Na het ongeluk belde ik meteen de politie.

