المفردات
114 كلمة · صفحة 4 من 5
hoogA1
عالٍ
Dat gebouw is heel hoog.
de hoogteB1
علوّ
De vlieger vliegt op grote hoogte boven het strand.
het hoogwaterB1
ارتفاع منسوب المياه
Bij hoogwater staan de dijken onder druk.
hopelijkA2
نأمل أن
Hopelijk is het morgen mooi weer voor het feest.
hopenA1
hoopte · hebben gehoopt
يأمل
Ik hoop dat het lukt.
horenA1
hoorde · hebben gehoord
يسمع
Ik hoor je niet goed.
ينتمي إلى، يكون جزءًا من
Deze oefening hoort bij hoofdstuk drie.
het horlogeA1
ساعة يد
Mijn horloge loopt achter.
het hotelA1
فندق
We slapen twee nachten in een hotel in Brugge.
houdbaarA2
صالح للاستهلاك
De melk is nog twee dagen houdbaar.
de houdbaarheidsdatumA2
تاريخ الصلاحية
Kijk even naar de houdbaarheidsdatum.
houdenA1شاذّ
hield · hielden · hebben gehouden
يمسك؛ يحب
Ik houd van koffie.
het houtA2
خشب
De tafel in onze keuken is van hout.
houtenB1
خشبي
In de keuken staat een grote houten tafel.
de huidA1
بشرة
Bescherm je huid tegen de zon.
huidigB1
الحالي
Wat is uw huidige adres en telefoonnummer?
huilenA1
huilde · hebben gehuild
يبكي
De baby huilt de hele nacht.
het huisA1
منزل
Ik woon in een klein huis.
de huisapotheekA2
صيدلية منزلية
Zorg voor een goede huisapotheek.
de huisartsA2
طبيب عام
Je gaat eerst naar de huisarts.
de huisartsenpostA2
عيادة الطوارئ العامة
's Avonds belt u de huisartsenpost.
de huisbaasA2
صاحب البيت
Ik heb de huisbaas gebeld over de kraan.
de huisgenootA1
شريك السكن
Mijn huisgenoot kookt vanavond.
de huisregelsA2
قواعد السكن
Lees de huisregels van het gebouw.
de huisvestingB1
الإسكان
De huisvesting van studenten is een probleem.
het huiswerkB1
واجب منزلي
Ik maak mijn huiswerk 's avonds.

