Словарь
5046 слов · страница 111 из 202
noodnummerB2
номер экстренной службы
Het noodnummer in Nederland is 112.
noodprocedureB2
аварийная процедура
De noodprocedure hangt bij elke uitgang.
nooitA1
никогда
Ik drink nooit alcohol.
nootA1
орех
Ik ben allergisch voor noten.
normB2
норма
Wat als norm geldt, verschilt per generatie.
normaalA2
нормальный, обычный
Dat is hier heel normaal.
normenB2
нормы
Normen en waarden verschillen per cultuur.
normeringB2
нормирование оценок
De normering wordt na afloop vastgesteld.
notariskostenB2
нотариальные расходы
De notariskosten komen er nog bij.
notitieB1
заметка
Ik maakte een notitie tijdens het gesprek.
notulenB2
протокол собрания
De notulen van de vorige vergadering zijn goedgekeurd.
notulerenB2
вести протокол
Wie gaat er vandaag notuleren?
novemberA1
ноябрь
November is een donkere maand.
nuA1
сейчас
Ik heb nu geen tijd.
nuanceB2
нюанс
In dit debat ontbreekt vaak de nuance.
nuancerenB2
уточнять, смягчать формулировку
Ik wil die uitspraak wel nuanceren.
nuanceringB2
уточнение, оговорка
Zijn betoog mist enige nuancering.
nuanceverschilB2
оттеночное различие
Het nuanceverschil tussen die woorden is klein.
nuchterheidB2
трезвость взгляда
Met typische nuchterheid reageerde zij kalm.
nummerA1
номер
Wat is je telefoonnummer?
objectiefB2
объективный
Volledig objectieve verslaggeving bestaat niet.
obligatieB2
облигация
Obligaties gelden als minder risicovol.
oceaanB2
океан
De oceaan neemt veel warmte op.
ochtendA1
утро
In de ochtend drink ik koffie.
octrooiB2
патент
Het bedrijf vroeg octrooi aan op de techniek.

