Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

423 слов · страница 9 из 17

  • spaarplanB1

    план накоплений

    Ik heb een spaarplan voor de studie van mijn kinderen.

  • spaarpotA2

    копилка

    De kinderen sparen in een spaarpot.

  • spaarquoteB2

    норма сбережений

    De spaarquote van huishoudens is gestegen.

  • spaarrekeningB1

    сберегательный счёт

    Het geld staat op een spaarrekening.

  • spaarrenteB1

    процент по вкладу

    De spaarrente is eindelijk weer gestegen.

  • spaartegoedB1

    накопления на счету

    Mijn spaartegoed groeit langzaam.

  • spaarzegelB2

    накопительная марка

    Voor tien spaarzegels krijg je een glas.

  • spannendB2

    волнующий, напряжённый

    Het examen vond hij vooral spannend.

  • spanningB2

    напряжение

    Er hing spanning in de kamer.

  • sparB2

    ель

    De spar blijft ook 's winters groen.

  • sparenA2

    копить

    We sparen voor een nieuwe auto.

  • specerijB2

    специя

    Kaneel is een specerij.

  • speciaal onderwijsB2

    специальное образование

    Sommige kinderen gaan naar het speciaal onderwijs.

  • specialisatieB2

    специализация

    Zijn specialisatie is arbeidsrecht.

  • specialismeB2

    врачебная специальность

    Voor dit specialisme is de wachttijd lang.

  • specialistB1

    специалист

    De huisarts verwees mij naar een specialist.

  • speeltuinB1

    детская площадка

    De kinderen spelen in de speeltuin.

  • spelenA1

    играть

    De kinderen spelen in de tuin.

  • spelletjeB1

    игра

    Zullen we een spelletje doen?

  • spellingB2

    орфография

    Let bij het schrijfexamen op je spelling.

  • spellingregelB2

    правило орфографии

    Deze spellingregel kent veel uitzonderingen.

  • spelregelB1

    правило игры

    Leg de spelregels eerst uit.

  • spiegelA1

    зеркало

    Er hangt een spiegel in de gang.

  • spierA1

    мышца

    Na het sporten doen mijn spieren pijn.

  • spierkrachtB2

    мышечная сила

    Met krachttraining behoud je spierkracht.