Словарь
289 слов · страница 5 из 12
onrustB2
тревога, волнение
Het bericht zorgde voor onrust onder bewoners.
onrustigA2
беспокойный
Ik sliep onrustig voor het examen.
onschuldigB2
невиновный
Je bent onschuldig tot het tegendeel bewezen is.
ontbijtA2
завтрак
Ik sla het ontbijt nooit over.
ontbijtenA2
завтракать
Wij ontbijten om zeven uur.
ontdaanB2
потрясённый
Na het ongeluk was hij helemaal ontdaan.
ontdekkenA2
обнаруживать
Ik ontdekte een fout in het formulier.
ontdooienB2
размораживать
Laat vlees in de koelkast ontdooien.
ontevredenB2
недовольный
Veel bewoners zijn ontevreden over het besluit.
ontevredenheidB2
недовольство
De ontevredenheid onder het personeel groeit.
ontgoochelingB2
разочарование, крушение надежд
De uitslag was een grote ontgoocheling.
onthechtingB2
отстранённость
Hij sprak met een zekere onthechting over het verleden.
onthoudenA2
запоминать
Ik kan die naam nooit onthouden.
ontkennenB2
отрицать
Hij bleef alles ontkennen.
ontmoedigendB2
обескураживающий
Zo veel fouten is ontmoedigend.
ontmoetenA2
встречать, знакомиться
Ik heb haar op een cursus ontmoet.
ontmoetingsplekB1
место встреч
Het buurthuis is een belangrijke ontmoetingsplek.
ontradenB2
отговаривать
De arts ontraadde die combinatie.
ontroerenB2
трогать, растрогать
Het verhaal ontroerde de hele zaal.
ontroerendB2
трогательный
Het was een ontroerend afscheid.
ontroeringB2
растроганность
Zijn woorden wekten ontroering bij het publiek.
ontslaanA2
увольнять
Er worden dit jaar geen mensen ontslagen.
ontslagB2
увольнение
Hij heeft zelf ontslag genomen.
ontslagbriefB2
выписной эпикриз
De ontslagbrief gaat naar je huisarts.
ontslagprocedureB2
процедура увольнения
De ontslagprocedure is wettelijk vastgelegd.

