Словарь
7 слов · страница 1 из 1
kiezenA1неправильный
koos · kozen · hebben gekozen
выбирать
Je moet zelf kiezen.
kijkenA1неправильный
keek · keken · hebben gekeken
смотреть
We kijken vanavond naar een film.
klinkenB1неправильный
klonk · klonken · hebben geklonken
звучать
Dat plan klinkt goed, laten we het proberen.
komenA1неправильный
kwam · kwamen · zijn gekomen
приходить
Kom je vanavond ook?
kopenA1неправильный
kocht · kochten · hebben gekocht
покупать
Ik koop brood bij de bakker.
krijgenA1неправильный
kreeg · kregen · hebben gekregen
получать
Ik heb een brief gekregen.
kunnenA1неправильный
kon · konden · hebben gekund
мочь, уметь
Kun je mij helpen?

