Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

270 слов · страница 10 из 11

  • gootsteenA1

    раковина

    De vuile borden staan in de gootsteen.

  • gordijnA2

    штора

    Doe de gordijnen even dicht.

  • gouden eeuwB2

    золотой век

    In de gouden eeuw werd de stad rijk door handel.

  • graagA1

    охотно, с удовольствием

    Ik drink graag koffie.

  • grachtB2

    городской канал

    De grachten van Amsterdam staan op de werelderfgoedlijst.

  • grafiekB2

    график

    De grafiek laat een duidelijke daling zien.

  • grafsteenB2

    надгробие

    Op de grafsteen staat alleen een naam.

  • gramA2

    грамм

    Ik heb 500 gram kaas gekocht.

  • grammaticaA2

    грамматика

    De grammatica vind ik het moeilijkst.

  • grapB2

    шутка

    Die grap viel verkeerd.

  • grasB1

    трава

    Het gras moet gemaaid worden.

  • gratisA2

    бесплатно

    De eerste les is gratis.

  • grenscontroleB2

    пограничный контроль

    Bij de grenscontrole liet hij zijn paspoort zien.

  • grensregioB2

    приграничный регион

    In de grensregio werken veel mensen over de grens.

  • griepA2

    грипп

    Half kantoor heeft de griep.

  • griepprikA2

    прививка от гриппа

    Ouderen krijgen elk jaar een griepprik.

  • grijsA1

    серый

    De lucht is vandaag grijs.

  • grijzendB2

    седеющий

    Een man met grijzend haar.

  • grimeurB2

    гримёр

    De grimeur maakte hem twintig jaar ouder.

  • groeicijferB2

    показатель роста

    Het groeicijfer viel lager uit dan verwacht.

  • groeicurveB2

    кривая роста

    Zijn groeicurve loopt keurig mee.

  • groeiseizoenB2

    вегетационный период

    Het groeiseizoen is door de warmte langer geworden.

  • groeispurtB2

    скачок роста

    In de puberteit volgt een groeispurt.

  • groenA1

    зелёный

    Het licht is groen, je mag gaan.

  • groenafvalB2

    растительные отходы

    Groenafval gaat in de groene bak.