Precies op tijd
B1 · Gezondheid en werk
Sara heeft vandaag een belangrijk sollicitatiegesprek. Maar 's ochtends valt ze van haar fiets, en haar enkel wordt dik en blauw. Komt ze nog op tijd voor haar gesprek?
Mostrar el texto
Personajes
- Sara: zoekt werk, 31
- Bram: huisgenoot van Sara, 27
- Kees: doktersassistent en praktijkmanager, 60
Scène 1
Het is dinsdagochtend, half acht. Sara Bakker woont sinds een maand in een nieuwe stad. Vandaag is een belangrijke dag, want om twee uur heeft ze een sollicitatiegesprek. Maar eerst wil ze nog snel naar de bakker fietsen. Het heeft de hele nacht geregend, en op straat liggen overal natte bladeren.
Sara:Au! Au, au, au...
Een kwartier later komt Sara heel langzaam binnen. Ze springt op één been.
Bram:Hé! Wat is er met jou gebeurd?
Sara:Ik ben gevallen. Met de fiets. Door die stomme bladeren.
Bram:Ga eerst even zitten. Laat eens zien... Nou, je enkel is wel heel dik, hè.
Sara:Ja, dat zie ik ook. En het doet echt pijn als ik erop sta.
Bram:Zal ik even op internet opzoeken wat het is?
Sara:Nee, Bram. Dan lees je dat ik nog maar twee dagen te leven heb.
Bram:Oké, oké. Dan moet je de huisarts bellen.
Sara:Ja, maar om twee uur heb ik dat gesprek. Dat kan ik echt niet afzeggen. Ik zoek al drie maanden naar zo'n baan.
Bram:Juist daarom. Je gaat toch niet op één been naar een sollicitatie?
Sara pakt haar telefoon. Ze is pas vorige week ingeschreven bij een nieuwe huisarts. Ze is er nog nooit geweest.
Eerst moet ze tien minuten wachten. Dan neemt eindelijk iemand op.
Kees:Huisartsenpraktijk Hoekstra, goedemorgen, u spreekt met Kees. Wat kan ik voor u doen?
Sara:Goedemorgen. Ik ben vanochtend van mijn fiets gevallen, en nu is mijn enkel dik en een beetje blauw.
Kees:Dat klinkt vervelend. Mag ik eerst uw naam en geboortedatum?
Sara:Sara Bakker. Twaalf mei, negentienhonderdvijfennegentig.
Kees:Dank u. Kunt u nog op uw voet staan?
Sara:Een beetje. Maar het doet veel pijn.
Kees:Oké. Dan wil ik dat de dokter er even naar kijkt. Kunt u om tien over elf hier zijn?
Sara:Ja, graag! Dan ben ik op tijd terug voor... eh, voor mijn afspraak.
Kees:Prima. En leg uw voet tot die tijd omhoog, met wat ijs in een handdoek. Tot straks.
Sara legt de telefoon neer. Dan denkt ze ergens aan.
Sara:Bram... hoe kom ik daar eigenlijk? Fietsen kan ik niet.
Bram:Geen probleem. De buurvrouw heeft een bakfiets.
Wat is er tot nu toe gebeurd?
Wat is er tot nu toe gebeurd? Sara is van haar fiets gevallen. Haar enkel is dik en het doet pijn. Ze belt de huisarts en ze krijgt een afspraak om tien over elf. Maar om twee uur heeft ze een sollicitatiegesprek. En Bram wil haar naar de dokter brengen... met een bakfiets.
Scène 2
Om elf uur fietst Bram door de stad. Sara zit voorin de bakfiets, met haar voet op een kussen.
Sara:Bram, iedereen kijkt naar ons.
Bram:Dat komt omdat we er zo goed uitzien.
Sara:Nee hoor. Dat komt omdat ik in een bakfiets zit, als een klein kind.
Bram:Nou, zeg maar gewoon dank je wel. Anders moest je lopen.
Bram helpt haar naar binnen. Sara kijkt alleen naar haar voet, niet naar het grote bord bij de deur. Achter de balie zit een man met grijs haar en een vriendelijk gezicht.
Kees:Goedemorgen. Heeft u een afspraak?
Sara:Ja, om tien over elf. Ik heb vanochtend gebeld, over mijn enkel.
Kees:O ja, mevrouw Bakker. We hebben elkaar al gesproken. Neemt u maar plaats in de wachtkamer.
Na tien minuten roept de dokter haar binnen. Hij kijkt naar haar enkel en drukt er voorzichtig op. Dan moet Sara een paar stappen door de kamer lopen. Gelukkig is er niets gebroken. Haar enkel is verstuikt. Ze moet een paar weken rustig aan doen, koelen, en haar voet zo vaak mogelijk omhoog leggen. En ze krijgt krukken mee.
Met de krukken loopt Sara terug naar de balie.
Kees:En? Wat zei de dokter?
Sara:Niets gebroken, gelukkig. Alleen verstuikt. Maar ik moet een paar weken met krukken lopen.
Kees:Dat valt mee. Hier is een folder over een verstuikte enkel. Daar staat alles in.
Sara:Dank u. En vanmiddag heb ik ook nog een sollicitatiegesprek. Met krukken...
Kees:Dan heeft u in ieder geval een goed verhaal.
Kees typt iets in zijn computer. Dan stopt hij. Hij kijkt naar het scherm. En dan kijkt hij naar Sara.
Kees:Wacht even... Sara Bakker? Twaalf mei? Jij komt vanmiddag toch voor het sollicitatiegesprek? Hier, bij ons?
Sara:Wat? Is dit... Gezondheidscentrum De Linde?
Kees:Ja. Het staat met grote letters op de deur.
Sara:Ik heb vanochtend alleen naar mijn voet gekeken.
Sara heeft gesolliciteerd als doktersassistente. Bij haar eigen huisarts. En ze wist het niet.
Wat is er tot nu toe gebeurd?
Wat is er tot nu toe gebeurd? Bram brengt Sara met de bakfiets naar de huisarts. Haar enkel is niet gebroken, maar verstuikt. Ze krijgt krukken. En dan blijkt dat haar sollicitatiegesprek vanmiddag in hetzelfde gebouw is. Bij haar eigen huisarts.
Scène 3
Om twee uur zit Sara weer in Gezondheidscentrum De Linde. Ze heeft een nette blouse aan, en haar krukken liggen naast haar stoel. Tegenover haar zit Kees. Hij is niet alleen doktersassistent, hij is ook de praktijkmanager.
Kees:Zo, Sara. We hebben elkaar vandaag al twee keer gesproken, hè?
Sara:Ja. Sorry. Zo wilde ik er vandaag eigenlijk niet uitzien.
Kees:Geen probleem. Hoe gaat het met je enkel?
Sara:Al iets beter, dank u. Bram heeft me weer met de bakfiets gebracht. Hij wacht buiten.
Kees:Dat heb ik gezien. De halve wachtkamer stond voor het raam. Goed, zullen we beginnen? Waarom wil je graag doktersassistente worden?
Sara:Nou, ik heb vijf jaar bij een apotheek gewerkt. Ik vind het fijn om mensen te helpen. En ik vind het belangrijk dat mensen zich serieus genomen voelen, ook als ze bang zijn of pijn hebben.
Kees:Dat is mooi. Dan een lastige vraag. Stel: het is maandagochtend, acht uur. De telefoon gaat de hele tijd, en iedereen wil vandaag nog komen. Wat doe je?
Sara:Eh... Ik zou eerst goed luisteren en vragen stellen. Wat is er precies aan de hand? Sinds wanneer? Kan iemand nog lopen? Dan weet je wie vandaag echt moet komen, en wie kan wachten.
Kees:Precies. Maar hoe weet je dat zo goed?
Sara:Ik weet nu heel goed hoe een patiënt zich voelt. Vanochtend stelde u mij precies die vragen. En ik vond het heel rustig en duidelijk.
Kees:Dat is misschien wel je beste antwoord vandaag. En dank je wel. Zo'n compliment krijg ik niet vaak.
Het gesprek duurt nog een half uur. Ze praten over de werktijden, over het team en over het computersysteem van de praktijk.
Kees:Sara, ik spreek vandaag nog twee andere kandidaten. Maar eerlijk gezegd... ik denk dat je een heel goede kans hebt. Ik bel je vrijdag. Op een normaal tijdstip, beloofd. Niet om acht uur 's ochtends.
Sara:Dank u wel.
Kees:Nog één vraag. Als je de baan krijgt... wanneer zou je kunnen beginnen?
Sara:Zodra ik weer zonder krukken kan lopen.
Buiten staat Bram te wachten, naast de bakfiets.
Bram:En? Hoe ging het?
Sara:Goed, denk ik! Heel goed zelfs.
Bram:Zie je wel. Ik zei het toch: je hebt een goed verhaal.
Sara:Dat zei Kees, Bram. Niet jij.
Bram:Details. Stap maar in. Ik breng je naar huis.
Op vrijdag gaat Sara's telefoon. Om tien voor tien. Het is Kees. En Sara heeft een nieuwe baan.
Pregunta
Wat zou jij doen? Ga jij met krukken naar een sollicitatiegesprek? Of bel je om het gesprek te verzetten?
Palabras clave
| Neerlandés | Traducción |
|---|---|
| de huisarts | médico de cabecera |
| de huisartsenpraktijk | consulta del médico de cabecera |
| het sollicitatiegesprek | entrevista de trabajo |
| solliciteren (als) | solicitar un puesto (de) |
| afzeggen | cancelar (una cita) |
| de afspraak | cita |
| de geboortedatum | fecha de nacimiento |
| de enkel | tobillo |
| dik | hinchado (aquí) |
| pijn doen | doler |
| gebroken | roto |
| verstuikt | torcido, con un esguince |
| de krukken | muletas |
| omhoog leggen | poner en alto |
| de wachtkamer | sala de espera |
| de balie | mostrador de recepción |
| de doktersassistente | asistente del médico |
| de bakfiets | bicicleta de carga |
| de kandidaat | candidato |
| de werktijden | horario de trabajo |
| Dat valt mee. | No es para tanto. |
| op tijd | a tiempo |

