Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

52 слів · сторінка 1 з 3

  • aanbiedenA2відокремлюванийнеправильне

    bood aan · boden aan · hebben aangeboden

    пропонувати

    Zij bood aan om te helpen.

  • zich aankledenA2відокремлюванийзворотний

    kleedde aan · hebben aangekleed

    одягатися

    Ik kleed me snel aan en ga naar mijn werk.

  • aankomenA2відокремлюванийнеправильне

    kwam aan · kwamen aan · zijn aangekomen

    прибувати

    Wij komen om acht uur aan.


    набирати вагу, гладшати

    Sinds de winter is hij vijf kilo aangekomen.

  • aanpassenA2відокремлюваний

    paste aan · hebben aangepast

    змінювати, підлаштовувати (щось)

    We passen het rooster aan de vakantie aan.


    zich aanpassenзворотний

    пристосовуватися

    Je moet je aanpassen aan de nieuwe regels.

  • aanrakenA2відокремлюваний

    raakte aan · hebben aangeraakt

    торкатися

    Raak de hete pan niet aan.

  • afrekenenA2відокремлюваний

    rekende af · hebben afgerekend

    розрахуватися

    Ik ga even afrekenen.

  • afwassenA2відокремлюванийнеправильне

    waste af · wasten af · hebben afgewassen

    мити посуд

    Wie wast er vanavond af?

  • afzeggenA2відокремлюванийнеправильне

    zei af · zeiden af · hebben afgezegd

    скасувати (зустріч)

    Ik moet de afspraak bij de tandarts afzeggen.

  • eruitzienA2відокремлюванийнеправильне

    zag eruit · zagen eruit · hebben eruitgezien

    виглядати

    Weet jij hoe de nieuwe buurman eruitziet?

  • inleverenA2відокремлюваний

    leverde in · hebben ingeleverd

    здати (роботу, річ)

    Je moet je huiswerk voor vrijdag inleveren.

  • inloggenA2відокремлюваний

    logde in · hebben ingelogd

    входити в акаунт

    Log in met je e-mailadres.

  • inpakkenA2відокремлюваний

    pakte in · hebben ingepakt

    пакувати; збирати (речі)

    Morgen gaan we op vakantie, dus ik moet nog inpakken.

  • inrichtenA2відокремлюваний

    richtte in · hebben ingericht

    облаштовувати

    We moeten de woonkamer nog inrichten.

  • instappenA2відокремлюваний

    stapte in · zijn ingestapt

    сідати (у транспорт)

    U kunt achterin instappen.

  • invullenA2відокремлюваний

    vulde in · hebben ingevuld

    заповнювати

    Vul het formulier volledig in.

  • klaarmakenA2відокремлюваний

    maakte klaar · hebben klaargemaakt

    приготувати

    Ik maak het eten klaar.

  • langskomenA2відокремлюванийнеправильне

    kwam langs · kwamen langs · zijn langsgekomen

    заходити, заглядати

    Kom je vanavond even langs?

  • meedoenA2відокремлюванийнеправильне

    deed mee · deden mee · hebben meegedaan

    брати участь

    Doe je mee met de cursus?

  • meegaanA2відокремлюванийнеправильне

    ging mee · gingen mee · zijn meegegaan

    піти разом

    Mag ik met jullie meegaan naar het strand?


    довго служити (про речі)

    Deze schoenen gaan al vijf jaar mee.

  • meemakenA2відокремлюваний

    maakte mee · hebben meegemaakt

    переживати, зазнавати

    Ik heb veel meegemaakt dit jaar.

  • meenemenA2відокремлюванийнеправильне

    nam mee · namen mee · hebben meegenomen

    брати з собою

    Neem je paspoort mee.


    враховувати, брати до уваги

    We nemen jouw voorstel mee in het besluit.

  • nadenkenA2відокремлюванийнеправильне

    dacht na · dachten na · hebben nagedacht

    обмірковувати

    Ik moet er nog even over nadenken.

  • nakijkenA2відокремлюванийнеправильне

    keek na · keken na · hebben nagekeken

    перевіряти (роботи)

    De docent moet vanavond nog veertig toetsen nakijken.

  • opbellenA2відокремлюваний

    belde op · hebben opgebeld

    телефонувати

    Ik bel je morgen op.

  • opbergenA2відокремлюванийнеправильне

    borg op · borgen op · hebben opgeborgen

    прибирати (на місце)

    Berg je spullen op in de kast.