Словник
1768 слів · сторінка 9 з 71
het boekA1
книга
Ik lees elke avond een boek.
de boerderijA2
ферма
Mijn oom woont op een boerderij met koeien en kippen.
de boeteB1
штраф
Ik heb een boete gekregen voor te hard rijden.
de bonA2
чек
Bewaar de bon voor de garantie.
штраф (квитанція)
Hij kreeg een bon omdat hij te hard reed.
de boodschapA2
послання, ідея
De boodschap van de campagne is duidelijk.
de boodschappenA2
продукти, покупки
Ik doe zaterdag boodschappen.
het boodschappenlijstjeA2
список покупок
Ik maak altijd een boodschappenlijstje.
de boodschappentasA2
сумка для покупок
Neem je eigen boodschappentas mee.
de boomA2
дерево
Voor het huis staat een grote boom.
de boomsoortB1
порода дерев
Welke boomsoort groeit hier het beste?
de boonA1
квасоля, біб
Er staan bonen op het menu.
de boordB1
борт (на борту)
Alle passagiers zijn nu aan boord van het vliegtuig.
het bordA1
тарілка
Zet de borden op tafel.
табличка, знак
Op het bord staat dat je hier niet mag parkeren.
de borgA2
застава
De borg krijg je later terug.
de borstA1
груди
Hij voelt pijn op zijn borst.
het bosA2
ліс
We wandelen graag in het bos.
de bos
букет, пучок
Hij kwam thuis met een bos bloemen voor zijn moeder.
het bosgebiedB1
лісовий масив
Het bosgebied is beschermd.
de boterA1
масло
Doe wat boter op je brood.
de boterhamA1
бутерброд
Ik neem twee boterhammen mee.
de bouwB1
будівництво
Mijn broer werkt al twintig jaar in de bouw.
de brandA2
пожежа
Bij brand moet je direct 112 bellen.
de briefA1
лист
Ik heb een brief van de gemeente gekregen.
de briefkaartB1
поштова листівка
Ik stuurde een briefkaart uit Spanje.
de briefwisselingB1
листування
De briefwisseling met de gemeente duurde maanden.
de brievenbusA1
поштова скринька
Er zit post in de brievenbus.

