Словник
1053 слів · сторінка 9 з 43
het doelA1
мета
Wat is het doel van deze cursus?
de dokterA1
лікар
Ik ga morgen naar de dokter.
de doktersassistentA2
асистент лікаря
De doktersassistent maakt de afspraken.
de donderdagA1
четвер
De les is elke donderdag.
doodA2
мертвий
De plant is dood, want ik vergat water te geven.
de dood
смерть
Na de dood van zijn vader verhuisde hij naar Utrecht.
de doosA1
коробка
De boeken zitten in een doos.
het dorpA1
село
Zij komt uit een klein dorp.
de dorstA1
спрага
Heb je dorst?
de doucheA1
душ
Ik neem 's ochtends een douche.
de drankA2
напій
Wat voor drank wil je erbij?
de drempelA1
поріг
Pas op voor de drempel bij de deur.
de droomA2
мрія; сон
Mijn droom is een eigen restaurant openen.
de druifA1
виноград
Deze druiven zijn erg zoet.
duurA2
дорогий
Die telefoon is te duur.
de duur
тривалість
De duur van de cursus is zes maanden.
de dvdA2
DVD-диск
We kijken vanavond samen naar een oude dvd.
de echtgenootA1
чоловік (подружжя)
Haar echtgenoot werkt in het buitenland.
de economieA2
економіка
De economie groeide licht dit kwartaal.
de eetgewoonteA2
харчова звичка
Mijn eetgewoontes zijn hier veranderd.
de eetlustA2
апетит
Door de koorts heb ik geen eetlust.
de EHBOA2
перша допомога
Zij volgde een cursus EHBO.
het eiA1
яйце
Ik eet 's ochtends een ei.
het eilandA1
острів
Het eiland is per veerboot bereikbaar.
het eindeA2
кінець
Aan het einde van de straat is een bakker.
de eindtoetsA2
підсумковий тест
De eindtoets is in juni.
eisenA2
eiste · hebben geëist
вимагати
De bond eist een hoger loon.
de eisen
вимоги (мн. від eis)
De school stelt hoge eisen aan het schrijven.

