Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

3699 слів · сторінка 66 з 148

  • de leraarA2

    учитель

    De leraar legt het nog een keer uit.

  • lerenA1

    leerde · hebben geleerd

    вчити(ся)

    Ik leer nu een jaar Nederlands.

  • de lesA1

    урок, заняття

    De les Nederlands begint om negen uur.

  • het lesmateriaalA2

    навчальні матеріали

    Het lesmateriaal krijg je bij de eerste les.

  • de lesmethodeB1

    методика викладання

    Deze lesmethode werkt goed voor volwassenen.

  • het lesroosterA2

    розклад занять

    Het lesrooster hangt bij de ingang.

  • de lesuitvalB1

    скасування занять

    Door ziekte was er veel lesuitval.

  • het lesuurA2

    навчальна година

    Een lesuur duurt vijftig minuten.

  • lettenA2

    lette · hebben gelet

    стежити, звертати увагу (на)

    Wil je even op de kinderen letten?

  • de letterA1

    літера

    Schrijf je naam met grote letters.

  • letterlijkA2

    буквально

    Neem dat niet te letterlijk.

  • de leugenB1

    брехня

    Dat verhaal over de hond was een leugen.

  • leukA1

    приємний, веселий

    Dat was een leuke avond.

  • levenA1

    leefde · hebben geleefd

    жити

    Mijn opa leeft nog en is al negentig jaar.


    het leven

    життя

    Het leven hier is heel anders.

  • leverenB1

    leverde · hebben geleverd

    постачати, доставляти

    De winkel levert de nieuwe bank op dinsdag.

  • de leveringA2

    доставка

    De levering duurt drie werkdagen.

  • de levertijdA2

    термін доставки

    De levertijd is drie werkdagen.

  • lezenA1неправильне

    las · lazen · hebben gelezen

    читати

    Lees de tekst nog een keer.

  • de lezerB1

    читач

    De krant vraagt haar lezers om hun mening.

  • liberaalB1

    ліберальний

    Nederland heeft liberale en conservatieve partijen.

  • de licentieB1

    ліцензія

    Voor deze software heb je een licentie nodig.

  • het lichaamA1

    тіло

    Beweging is goed voor je lichaam.

  • de lichaamsbewegingB1

    фізична активність

    Dagelijkse lichaamsbeweging is belangrijk.

  • het lichtA1

    світло

    Doe het licht even aan.


    легкий; світлий

    Deze jas is heel licht, ideaal voor de zomer.

  • het lidA2

    член (організації)

    Ik ben vorig jaar lid geworden van de bibliotheek.