Словник
1768 слів · сторінка 52 з 71
het spoedgevalB1
екстрений випадок
Bij een spoedgeval belt u 112.
het spoorB1
колія; слід
De trein naar Utrecht vertrekt van spoor vijf.
de spoorlijnB1
залізнична лінія
De spoorlijn wordt volgend jaar vernieuwd.
de sportA1
спорт
Welke sport doe jij?
het sportabonnementB1
абонемент у спортзал
Mijn sportabonnement loopt per maand.
het sportevenementB1
спортивний захід
Het sportevenement trekt duizenden bezoekers.
de sportkantineB1
буфет спортклубу
Na de wedstrijd zitten we in de sportkantine.
de sportprestatieB1
спортивний результат
Zijn sportprestaties zijn indrukwekkend.
de sportschoolB1
спортзал
Ik ga drie keer per week naar de sportschool.
de sportuitrustingB1
спортивне спорядження
Neem je eigen sportuitrusting mee.
het sportveldB1
спортмайданчик
Achter de school ligt een sportveld.
de spreekbeurtB1
усний виступ
Mijn dochter houdt morgen een spreekbeurt.
de spreekkamerB1
кабінет лікаря
De dokter roept u zo in de spreekkamer.
de spreektaalB1
розмовна мова
In spreektaal zeg je dat korter.
het spreektempoB1
темп мовлення
Zijn spreektempo ligt erg hoog.
het spreekuurA2
години прийому
Het spreekuur is van negen tot elf.
de spreekvaardigheidB1
навичка говоріння
Mijn spreekvaardigheid is zwakker dan mijn leesvaardigheid.
de spullenA1
речі
Neem je spullen mee.
de staatB1
держава; стан
De staat betaalt een groot deel van het onderwijs.
de stadA1
місто
Amsterdam is een grote stad.
het stadionA2
стадіон
Het stadion zat helemaal vol met supporters.
de stageB1
стажування
Hij loopt stage bij een groot bedrijf.
de stagiairB1
стажист, практикант
De nieuwe stagiair werkt drie dagen per week bij ons.
de stagiaireB1
стажистка, практикантка
Onze stagiaire studeert verpleegkunde aan het mbo.
de stapA2
крок
Een cursus volgen is een goede eerste stap naar werk.

