Словник
634 слів · сторінка 5 з 26
bewijzenB2неправильне
bewees · bewezen · hebben bewezen
доводити
De politie kan niet bewijzen dat hij de dief is.
bewonderenB2
bewonderde · hebben bewonderd
захоплюватися
Ik bewonder zijn doorzettingsvermogen.
zich bezighoudenB1відокремлюванийзворотнийнеправильне
hield bezig · hielden bezig · hebben beziggehouden
займатися (чимось)
Zij houdt zich bezig met vrijwilligerswerk.
bezittenB2неправильне
bezat · bezaten · hebben bezeten
володіти
Mijn ouders bezitten een klein huis aan zee.
bezoekenA2неправильне
bezocht · bezochten · hebben bezocht
відвідувати
We bezoeken zondag mijn ouders.
bezorgenA2
bezorgde · hebben bezorgd
доставляти
Ze bezorgen het pakket morgen.
biddenB1неправильне
bad · baden · hebben gebeden
молитися
Mijn grootmoeder bidt elke avond voor het slapen.
biedenB1неправильне
bood · boden · hebben geboden
надавати
De gemeente biedt hulp bij het zoeken naar werk.
bijkomenB1відокремлюванийнеправильне
kwam bij · kwamen bij · zijn bijgekomen
приходити до тями
Ik ben nog aan het bijkomen van de reis.
bindenB2неправильне
bond · bonden · hebben gebonden
зв'язувати, прив'язувати
Bind de fiets goed vast aan het hek.
blijkenB1неправильне
bleek · bleken · zijn gebleken
виявлятися
Het bleek dat niemand de sleutel had.
blijvenA1неправильне
bleef · bleven · zijn gebleven
залишатися
Blijf je vanavond eten?
blokkerenB2
blokkeerde · hebben geblokkeerd
блокувати
Zij blokkeerde het account meteen.
blozenB2
bloosde · hebben gebloosd
червоніти
Zij bloosde bij het compliment.
bouwenA2
bouwde · hebben gebouwd
будувати
Hier gaan ze honderd nieuwe woningen bouwen.
bradenB2неправильне
braadde · braadden · hebben gebraden
смажити
Braad het vlees kort aan.
brekenA2неправильне
brak · braken · hebben/zijn gebroken
ламати; розбивати
Ze is gevallen en heeft haar arm gebroken.
brengenA1неправильне
bracht · brachten · hebben gebracht
приносити, відвозити
Ik breng de kinderen naar school.
chippenB2
chipte · hebben gechipt
чипувати
Elke hond moet gechipt zijn.
zich concentrerenB1зворотний
concentreerde · hebben geconcentreerd
зосередитися
Ik kan me niet concentreren met dit lawaai.
concluderenB2
concludeerde · hebben geconcludeerd
робити висновок
Daaruit kunnen we concluderen dat het beleid werkt.
constaterenB2
constateerde · hebben geconstateerd
констатувати
De arts constateerde een lichte ontsteking.
controlerenA2
controleerde · hebben gecontroleerd
перевіряти
Controleer je gegevens voordat je verstuurt.
coördinerenB2
coördineerde · hebben gecoördineerd
координувати
Zij coördineert het hele project.
creërenB2
creëerde · hebben gecreëerd
створювати
Het bedrijf wil honderd nieuwe banen creëren.

