Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

634 слів · сторінка 26 з 26

  • zingenA2неправильне

    zong · zongen · hebben gezongen

    співати

    Op verjaardagen zingen we een lied.

  • zittenA1неправильне

    zat · zaten · hebben gezeten

    сидіти

    Zij zit op de bank.


    бути, лежати (всередині чогось)

    De sleutels zitten in de zak van mijn jas.

  • zittenblijvenB2відокремлюванийнеправильне

    bleef zitten · bleven zitten · zijn blijven zitten

    залишатися на другий рік

    Zittenblijven helpt niet altijd.

  • zoekenA1неправильне

    zocht · zochten · hebben gezocht

    шукати

    Ik zoek mijn sleutels.

  • zorgenA2

    zorgde · hebben gezorgd

    забезпечувати; піклуватися

    Ik zorg dat het op tijd klaar is.

  • zuchtenB2

    zuchtte · hebben gezucht

    зітхати

    Hij zuchtte diep en zei niets.

  • zullenA1неправильне

    zou · zouden

    буде (майб. час)

    Zullen we koffie drinken?

  • zwemmenB1неправильне

    zwom · zwommen · hebben/zijn gezwommen

    плавати

    Ik ga twee keer per week zwemmen.

  • zwetenB2

    zweette · hebben gezweet

    пітніти

    Van de spanning begon hij te zweten.