Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

4887 слів · сторінка 191 з 196

  • de woordkeuzeB1

    вибір слів

    Let op je woordkeuze in een formele brief.

  • de woordvoerderB2

    речник

    De woordvoerder gaf geen commentaar.

  • de woordvoersterB2

    речниця

    Volgens een woordvoerster van de politie is niemand gewond.

  • de woordvolgordeB2

    порядок слів

    In een bijzin verandert de woordvolgorde.

  • de workshopB2

    семінар, майстер-клас

    Ik volg zaterdag een workshop over solliciteren.

  • de worstA1

    ковбаса

    Bij de slager kocht ik worst.

  • de wortelA1

    морква

    Doe de wortels in de soep.


    корінь

    De wortel van deze boom komt door het tegelpad heen.

  • de wraakB1

    помста

    Hij wilde wraak nemen op zijn oude baas.

  • de wrokB2

    образа, злоба

    Zij koestert geen wrok tegen haar oude werkgever.

  • de yoghurtA1

    йогурт

    Ik eet yoghurt bij het ontbijt.

  • het zaadB2

    насіння

    In het voorjaar zaait de boer het zaad op zijn land.

  • de zaagB2

    пилка

    Met deze zaag gaat het sneller.

  • het zaaigoedB2

    посівний матеріал

    Het zaaigoed komt uit eigen oogst.

  • de zaakA2

    справа; бізнес, крамниця

    Mijn oom heeft een eigen zaak in het centrum.

  • de zaalA2

    зала

    De zaal zat vol voor het concert.

  • de zakA1

    кишеня; мішок

    Mijn sleutels zitten in mijn zak.

  • de zakdoekB2

    носова хустинка

    Heb je een zakdoek voor me? Ik moet niezen.

  • de zakenmanB2

    бізнесмен

    Zijn vader is een rijke zakenman uit Rotterdam.

  • zakkenB1

    zakte · zijn gezakt

    провалити (іспит)

    Hij is helaas gezakt voor het examen.


    de zakken

    мішки, сумки (мн. від zak)

    Hij zet de zakken met oud papier bij de container.

  • de zalfA2

    мазь

    Smeer deze zalf twee keer per dag op de wond.

  • de zalmB2

    лосось

    Zalm trekt de rivier op om te paaien.

  • het zandA2

    пісок

    De kinderen spelen met emmers in het zand.

  • de zandbankB2

    піщана мілина

    Het schip liep op een zandbank.

  • de zandgrondB2

    піщаний ґрунт

    Zandgrond droogt sneller uit.

  • de zangerA2

    співак

    De zanger kwam op het podium en iedereen juichte.