Словник
634 слів · сторінка 12 з 26
makenA1
maakte · hebben gemaakt
робити, виготовляти
Zij maakt een taart voor het feest.
marinerenB2
marineerde · hebben gemarineerd
маринувати
Marineer de kip een nacht.
meedelenB1відокремлюваний
deelde mee · hebben meegedeeld
повідомляти (офіційно)
Wij delen u mee dat de afspraak verzet is.
meedoenA2відокремлюванийнеправильне
deed mee · deden mee · hebben meegedaan
брати участь
Doe je mee met de cursus?
meegaanA2відокремлюванийнеправильне
ging mee · gingen mee · zijn meegegaan
піти разом
Mag ik met jullie meegaan naar het strand?
довго служити (про речі)
Deze schoenen gaan al vijf jaar mee.
meemakenA2відокремлюваний
maakte mee · hebben meegemaakt
переживати, зазнавати
Ik heb veel meegemaakt dit jaar.
meenemenA2відокремлюванийнеправильне
nam mee · namen mee · hebben meegenomen
брати з собою
Neem je paspoort mee.
враховувати, брати до уваги
We nemen jouw voorstel mee in het besluit.
meldenA1
meldde · hebben gemeld
повідомляти
U moet een verhuizing melden bij de gemeente.
menenB1
meende · hebben gemeend
мати на увазі (серйозно); вважати
Meen je dat echt, of maak je een grapje?
merkenA2
merkte · hebben gemerkt
помічати
Ik merk dat het beter gaat.
de merken
марки, бренди (мн. від merk)
In deze winkel verkopen ze alleen bekende merken.
metselenB2
metselde · hebben gemetseld
класти цеглу
Hij leerde metselen op de vakschool.
misbruikenB2
misbruikte · hebben misbruikt
зловживати
Criminelen misbruiken soms gegevens van ouderen.
missenA1
miste · hebben gemist
пропустити; сумувати
Ik heb de bus gemist.
moetenA1неправильне
moest · moesten · hebben gemoeten
мусити
Ik moet nu weg.
mogenA1неправильне
mocht · mochten · hebben gemogen
можна, мати право
Mag ik hier zitten?
motiverenB1
motiveerde · hebben gemotiveerd
мотивувати
De docent weet studenten goed te motiveren.
nadenkenA2відокремлюванийнеправильне
dacht na · dachten na · hebben nagedacht
обмірковувати
Ik moet er nog even over nadenken.
nakijkenA2відокремлюванийнеправильне
keek na · keken na · hebben nagekeken
перевіряти (роботи)
De docent moet vanavond nog veertig toetsen nakijken.
nastrevenB2відокремлюваний
streefde na · hebben nagestreefd
домагатися (мети)
Welk doel streef je precies na?
navragenB1відокремлюванийнеправильне
vroeg na · vroegen na · hebben nagevraagd
уточнювати, дізнаватися
Ik zal het even navragen bij de gemeente.
negerenB1
negeerde · hebben genegeerd
ігнорувати
Hij negeert al mijn berichten van deze week.
nemenA1неправильне
nam · namen · hebben genomen
брати
Ik neem de trein van acht uur.
noemenA2
noemde · hebben genoemd
називати
Hoe noem je dit ding in het Nederlands?
notulerenB2
notuleerde · hebben genotuleerd
вести протокол
Wie gaat er vandaag notuleren?
nuancerenB2
nuanceerde · hebben genuanceerd
уточнювати, пом'якшувати формулювання
Ik wil die uitspraak wel nuanceren.

