Словник
5 слів · сторінка 1 з 1
meedoenA2відокремлюванийнеправильне
deed mee · deden mee · hebben meegedaan
брати участь
Doe je mee met de cursus?
meegaanA2відокремлюванийнеправильне
ging mee · gingen mee · zijn meegegaan
піти разом
Mag ik met jullie meegaan naar het strand?
довго служити (про речі)
Deze schoenen gaan al vijf jaar mee.
meenemenA2відокремлюванийнеправильне
nam mee · namen mee · hebben meegenomen
брати з собою
Neem je paspoort mee.
враховувати, брати до уваги
We nemen jouw voorstel mee in het besluit.
moetenA1неправильне
moest · moesten · hebben gemoeten
мусити
Ik moet nu weg.
mogenA1неправильне
mocht · mochten · hebben gemogen
можна, мати право
Mag ik hier zitten?

