Словник
73 слів · сторінка 1 з 3
de laadpaalB1
зарядна станція
Bij het station staan laadpalen voor elektrische auto's.
laagA1
низький
De prijs is nu laag.
de laag
шар
Er ligt een dikke laag sneeuw op straat.
het lakenA1
простирадло
De lakens moeten in de was.
de lampA1
лампа
De lamp in de gang is kapot.
het landA1
країна
Uit welk land kom je?
de landbouwgrondB1
сільгоспземля
Een deel van de landbouwgrond wordt natuurgebied.
het landschapB1
пейзаж
Het Nederlandse landschap is erg vlak.
de laptopA1
ноутбук
Thuis werk ik het liefst op mijn laptop.
de lastB1
клопіт (last hebben: потерпати від)
Ik heb last van mijn rug na het tillen.
de leefregelB1
рекомендація щодо способу життя
De arts gaf mij een paar leefregels mee.
de leefstijlB1
спосіб життя
Een gezonde leefstijl voorkomt veel klachten.
de leeftijdA1
вік
Wat is de leeftijd van je kinderen?
het leerboekA2
підручник
Neem je leerboek mee naar de les.
het leerdoelB1
навчальна мета
Wat is het leerdoel van deze les?
de leerlijnB1
освітня траєкторія
De leerlijn loopt van A1 tot B2.
de leerlingA2
учень
In deze klas zitten 25 leerlingen.
het leermomentB1
момент навчання
Elke fout is een leermoment.
de leerplichtA2
обов'язкова шкільна освіта
In Nederland geldt leerplicht tot achttien jaar.
het leerprocesB1
процес навчання
Fouten maken hoort bij het leerproces.
de leerstijlB1
стиль навчання
Iedereen heeft een andere leerstijl.
de leerstofB1
навчальний зміст, матеріал
De leerstof van dit blok is pittig.
de leesvaardigheidB1
навичка читання
Mijn leesvaardigheid is beter dan mijn spreekvaardigheid.
het legerA1
армія
Het leger hielp bij de evacuatie.
de legitimatieB1
посвідчення особи
Bij de balie moet u legitimatie tonen.
de leiderB1
лідер, ватажок
De leider van de groep vertelt waar we heen gaan.

