Словник
7 слів · сторінка 1 з 1
hangenA2неправильне
hing · hingen · hebben gehangen
висіти; вішати
Er hangt een grote klok aan de muur.
hardlopenB1відокремлюванийнеправильне
liep hard · liepen hard · hebben hardgelopen
бігати, біг
's Ochtends ga ik hardlopen in het park.
hebbenA1неправильне
had · hadden · hebben gehad
мати
Wij hebben twee kinderen.
(допоміжне дієслово перфекта)
Ik heb de brief gisteren al geschreven.
helpenA1неправильне
hielp · hielpen · hebben geholpen
допомагати
Kun je me even helpen?
hetenA1неправильне
heette · heetten · hebben geheten
називатися, зватися
Hoe heet jij?
hoevenA2неправильне
hoefde · hoefden · hebben gehoeven
бути потрібним (із запереченням)
Je hoeft morgen niet naar school te komen.
houdenA1неправильне
hield · hielden · hebben gehouden
тримати; любити (van)
Ik houd van koffie.

