Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

208 слів · сторінка 7 з 9

  • het gezondheidsrisicoB2

    ризик для здоров'я

    Roken vormt een groot gezondheidsrisico.

  • de gezondheidstoestandA2

    стан здоров'я

    Zijn gezondheidstoestand is stabiel.

  • de gezondheidsvoorlichtingB1

    просвіта щодо здоров'я

    Scholen geven gezondheidsvoorlichting.

  • de gezondheidswinstB2

    виграш для здоров'я

    Stoppen met roken levert de meeste gezondheidswinst op.

  • de gezondheidszorgB2

    охорона здоров'я

    De gezondheidszorg is in Nederland grotendeels verzekerd.

  • de gieterB2

    лійка

    De gieter staat bij de kraan.

  • het gipsA2

    гіпс

    Zijn arm zit zes weken in het gips.

  • het glasA1

    склянка

    Mag ik een glas water?


    скло

    De deur van de keuken is van hout en glas.

  • de glasbakB2

    контейнер для скла

    De glasbak staat om de hoek.

  • de glasvezelB2

    оптоволокно

    Het dorp krijgt eindelijk glasvezel.

  • de gletsjerB2

    льодовик

    De gletsjers smelten in hoog tempo.

  • de glimlachB2

    усмішка

    Met een glimlach kom je een heel eind.

  • de godsdienstB2

    віросповідання

    Vrijheid van godsdienst staat in de grondwet.

  • de goededoelenorganisatieB2

    благодійна організація

    De goededoelenorganisatie legt jaarlijks verantwoording af.

  • de goedenavondA1

    добрий вечір

    Goedenavond, komt u binnen.

  • de goedendagA1

    добрий день

    Goedendag, waarmee kan ik u helpen?

  • de gootsteenA1

    раковина

    De vuile borden staan in de gootsteen.

  • het gordijnA2

    штора

    Doe de gordijnen even dicht.

  • het goudA2

    золото

    Haar ring is van echt goud.

  • de graadB2

    градус; ступінь

    Het wordt morgen twintig graden in het hele land.

  • de grachtB2

    міський канал

    De grachten van Amsterdam staan op de werelderfgoedlijst.

  • de grafiekB2

    графік

    De grafiek laat een duidelijke daling zien.

  • de grafsteenB2

    надгробок

    Op de grafsteen staat alleen een naam.

  • het gramA2

    грам

    Ik heb 500 gram kaas gekocht.

  • de grammaticaA2

    граматика

    De grammatica vind ik het moeilijkst.