Словник
156 слів · сторінка 1 з 7
de baanA2
робота (місце), посада
Zij heeft een nieuwe baan gevonden.
смуга руху; доріжка
Op de snelweg is de rechter baan afgesloten.
de baardA2
борода
Mijn broer heeft sinds de zomer een baard.
de baasA2
начальник
Mijn baas is vandaag afwezig.
de babyA1
немовля
De baby slaapt nu.
de badkamerA1
ванна кімната
De badkamer is boven.
de badkuipA2
ванна
In deze badkamer staat geen badkuip.
de bagageA2
багаж
Laat je bagage niet alleen achter.
bakkenA2неправильне
bakte · bakten · hebben gebakken
смажити, пекти
Ik bak een ei voor het ontbijt.
de bakkerA2
пекарня, пекар
Ik haal brood bij de bakker.
de balA1
м'яч
De kinderen spelen met een bal in de tuin.
de balieA2
стійка (реєстрації)
U kunt uw pakket ophalen bij de balie.
het balkonA2
балкон
Op het balkon staan planten.
de banaanA1
банан
Wil je een banaan?
de bandA2
шина, покришка
Mijn band is lek.
bangA2
наляканий
Ik ben bang voor honden.
de bankA2
банк
Ik heb een rekening bij deze bank.
диван; лавка
We zitten 's avonds samen op de bank te lezen.
de bankrekeningA2
банківський рахунок
Je hebt een bankrekening nodig voor je salaris.
de basisschoolA2
початкова школа
Mijn dochter zit in groep vijf van de basisschool.
het basketbalA2
баскетбол
Op dinsdag speel ik basketbal met mijn vrienden.
de batterijA1
батарейка
De batterij is leeg.
het bedA1
ліжко
Ik ga vroeg naar bed.
bedankenA1
bedankte · hebben bedankt
дякувати
Ik wil je bedanken voor je hulp.
bedenkenA2неправильне
bedacht · bedachten · hebben bedacht
вигадувати, придумувати
Wie heeft dit plan bedacht?
zich bedenkenзворотний
передумати
Hij wilde eerst mee, maar bedacht zich.
bedervenA2неправильне
bedierf · bedierven · zijn bedorven
псуватися
Vlees bederft snel in de warmte.
bedoelenA1
bedoelde · hebben bedoeld
мати на увазі
Wat bedoel je precies?

