Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

511 слів · сторінка 13 з 21

  • bezorgdB2

    стурбований

    Ik ben bezorgd over zijn gezondheid.

  • de bezorgdheidB2

    занепокоєння

    Er is bezorgdheid over de gevolgen.

  • de bezorgdienstB2

    служба доставки

    De bezorgdienst komt tussen vier en zes.

  • bezorgenA2

    bezorgde · hebben bezorgd

    доставляти

    Ze bezorgen het pakket morgen.

  • de bezorgkostenA2

    вартість доставки

    Boven de dertig euro betaal je geen bezorgkosten.

  • de bezuinigingB2

    скорочення витрат

    De bezuinigingen treffen vooral het onderwijs.

  • het bezwaarschriftB1

    письмове заперечення

    U kunt binnen zes weken een bezwaarschrift indienen.

  • de bezwaartermijnB2

    строк оскарження

    De bezwaartermijn is zes weken.

  • de bibliografieB2

    бібліографія

    De bibliografie beslaat tien pagina's.

  • de bibliotheekA2

    бібліотека

    De bibliotheek is op zondag gesloten.

  • de bibliotheekpasB2

    читацький квиток

    Zonder bibliotheekpas kun je niets lenen.

  • biddenB1неправильне

    bad · baden · hebben gebeden

    молитися

    Mijn grootmoeder bidt elke avond voor het slapen.

  • biedenB1неправильне

    bood · boden · hebben geboden

    надавати

    De gemeente biedt hulp bij het zoeken naar werk.

  • het bierA2

    пиво

    Op het terras drinkt hij een glas bier.

  • bijA1

    у, біля

    Ik ben bij de dokter.

  • de bijbaanA2

    підробіток

    Naast mijn studie heb ik een bijbaan.

  • de bijdrageA2

    внесок, доплата

    Iedereen betaalt een eigen bijdrage.

  • de bijeenkomstB1

    зустріч, зібрання

    De gemeente organiseert een bijeenkomst voor nieuwe inwoners.

  • het bijenvolkB2

    бджолина сім'я

    Een bijenvolk telt tienduizenden bijen.

  • bijkomenB1відокремлюванийнеправильне

    kwam bij · kwamen bij · zijn bijgekomen

    приходити до тями

    Ik ben nog aan het bijkomen van de reis.

  • de bijlageB1

    додаток (до листа)

    In de bijlage vindt u mijn cv.

  • de bijlesB1

    додаткові заняття

    Hij krijgt bijles voor Nederlands.

  • bijnaA1

    майже

    Ik ben bijna klaar.

  • de bijrijderB1

    пасажир поруч із водієм

    De bijrijder leest de route voor.

  • de bijscholingB2

    підвищення кваліфікації

    Het bedrijf investeert in bijscholing.