Je EigenRoute
ВхідРеєстрація

Словник

511 слів · сторінка 12 з 21

  • bewarenA2

    bewaarde · hebben bewaard

    зберігати

    Bewaar deze brief goed.

  • bewegenB1неправильне

    bewoog · bewogen · hebben bewogen

    рухатися

    Probeer elke dag genoeg te bewegen.

  • de bewegingB1

    рух; фізична активність

    Dagelijkse beweging is goed voor je gezondheid.

  • bewerenA2

    beweerde · hebben beweerd

    стверджувати

    Hij beweert dat hij niets wist.

  • de beweringB2

    твердження

    Die bewering wordt niet door cijfers gesteund.

  • het bewijsB1

    доказ, підтвердження

    Bewaar het bewijs van betaling.

  • het bewijsmateriaalB2

    докази

    Het bewijsmateriaal was te dun.

  • bewijzenB2неправильне

    bewees · bewezen · hebben bewezen

    доводити

    De politie kan niet bewijzen dat hij de dief is.

  • de bewolkingB2

    хмарність

    In de middag neemt de bewolking toe.

  • bewonderenB2

    bewonderde · hebben bewonderd

    захоплюватися

    Ik bewonder zijn doorzettingsvermogen.

  • de bewonderingB2

    захоплення

    Ik heb veel bewondering voor haar doorzettingsvermogen.

  • de bewonerB1

    мешканець (будинку)

    Elke bewoner krijgt een sleutel van de fietsenberging.

  • de bewonersverenigingB2

    об'єднання мешканців

    De bewonersvereniging vergadert twee keer per jaar.

  • bewustB1

    свідомий; свідомо

    Ik eet de laatste tijd bewuster en gezonder.

  • de bezemA1

    мітла

    Pak even de bezem.

  • bezetA1

    зайнятий

    Deze plaats is bezet.

  • de bezettingB2

    окупація

    De bezetting duurde vijf jaar.


    укомплектованість (персоналом)

    Door de lage bezetting moet u vandaag langer wachten.

  • de bezienswaardigheidB1

    визначна пам'ятка

    De grachten zijn de bekendste bezienswaardigheid.

  • bezigA1

    зайнятий (чимось)

    Ik ben nu even bezig.

  • zich bezighoudenB1відокремлюванийзворотнийнеправильне

    hield bezig · hielden bezig · hebben beziggehouden

    займатися (чимось)

    Zij houdt zich bezig met vrijwilligerswerk.

  • bezittenB2неправильне

    bezat · bezaten · hebben bezeten

    володіти

    Mijn ouders bezitten een klein huis aan zee.

  • het bezoekA1

    гості, візит

    We krijgen vanavond bezoek.

  • bezoekenA2неправильне

    bezocht · bezochten · hebben bezocht

    відвідувати

    We bezoeken zondag mijn ouders.

  • de bezoekerA2

    відвідувач

    Elke bezoeker krijgt bij de ingang een plattegrond.

  • het bezoekuurA2

    години відвідування

    Het bezoekuur is van twee tot vier.