Словник
Фільтри2
8 слів · сторінка 1 з 1
aanbiedenA2відокремлюванийнеправильне
bood aan · boden aan · hebben aangeboden
пропонувати
Zij bood aan om te helpen.
zich aankledenA2відокремлюванийзворотний
kleedde aan · hebben aangekleed
одягатися
Ik kleed me snel aan en ga naar mijn werk.
aankomenA2відокремлюванийнеправильне
kwam aan · kwamen aan · zijn aangekomen
прибувати
Wij komen om acht uur aan.
набирати вагу, гладшати
Sinds de winter is hij vijf kilo aangekomen.
aanpassenA2відокремлюваний
paste aan · hebben aangepast
змінювати, підлаштовувати (щось)
We passen het rooster aan de vakantie aan.
zich aanpassenзворотний
пристосовуватися
Je moet je aanpassen aan de nieuwe regels.
aanrakenA2відокремлюваний
raakte aan · hebben aangeraakt
торкатися
Raak de hete pan niet aan.
afrekenenA2відокремлюваний
rekende af · hebben afgerekend
розрахуватися
Ik ga even afrekenen.
afwassenA2відокремлюванийнеправильне
waste af · wasten af · hebben afgewassen
мити посуд
Wie wast er vanavond af?
afzeggenA2відокремлюванийнеправильне
zei af · zeiden af · hebben afgezegd
скасувати (зустріч)
Ik moet de afspraak bij de tandarts afzeggen.

