Словарь
306 слов · страница 9 из 13
privéB1
личный, частный
Dit is mijn privé nummer, bel me alleen bij nood.
professioneelB1
профессиональный
Zij maakt professionele foto's voor bedrijven.
puurB1
чистый, натуральный
Deze chocolade is puur, zonder melk.
raarA2
странный (разг.)
Het eten smaakt een beetje raar vandaag.
recentB1
недавний
Uit recent onderzoek blijkt dat jongeren minder slapen.
het rechtA1
право
Je hebt recht op een advocaat.
прямой, прямо
De weg loopt recht naar het centrum.
redelijkB1
разумный, приемлемый
De prijs van de kamer is redelijk voor deze buurt.
regelmatigA2
регулярно
Ik sport regelmatig.
rijkA1
богатый
Zij komt uit een rijke familie.
rondA1
круглый
De tafel is rond.
около, вокруг
De vergadering begint rond twee uur.
roodA1
красный
Ze draagt een rode jas.
rozeA1
розовый
Zij draagt een roze jurk.
ruimB1
просторный
Het appartement is ruim en heeft een groot balkon.
более, с лишним
De reis duurt ruim drie uur met de trein.
rustigA2
спокойный, тихий
Het is hier lekker rustig.
scherpA2
острый
Pas op, dat mes is heel scherp.
schoonA1
чистый
De keuken is weer schoon.
schuldigA2
виновный
De rechter achtte hem schuldig.
serieusB1
серьёзный
Is dit een grap of meen je het serieus?
simpelA2
простой (несложный)
Het recept is heel simpel, je hebt maar drie dingen nodig.
slechtA1
плохой
Het weer is vandaag slecht.
slimA2
умный, сообразительный
Dat is een slim idee, zo besparen we tijd.
snelA1
быстрый
Hij loopt heel snel.
sociaalA1
социальный, общительный
Hij is heel sociaal en maakt snel contact.
somberA2
унылый, подавленный
In november voel ik me vaak somber.
spannendA2
волнующий, напряжённый
Het examen vond hij vooral spannend.

