Словарь
4598 слов · страница 74 из 184
de kasB1
теплица; касса
In het Westland groeien tomaten in grote kassen.
de kassaA2
касса
Bij de kassa is een lange rij.
de kassabonB2
кассовый чек
Bewaar de kassabon voor de garantie.
de kassamedewerkerA2
кассир
De kassamedewerker was heel vriendelijk.
het kassasysteemB2
кассовая система
Het kassasysteem lag er een uur uit.
de kastA1
шкаф
Je jas hangt in de kast.
het kasteelA2
замок
We bezochten een oud kasteel met een gracht.
de katB1
кошка
De kat slaapt op de vensterbank.
het katernB2
тетрадка, раздел газеты
Het economische katern verschijnt op zaterdag.
de kathedraalB1
собор
De kathedraal in het centrum is zeven eeuwen oud.
het katoenB2
хлопок
Deze trui is van katoen.
het kattenluikB2
лаз для кошки
Door het kattenluik kan zij zelf naar buiten.
de keelA1
горло
Ik heb pijn in mijn keel.
de keelpijnA2
боль в горле
Ik heb keelpijn en kan slecht slikken.
de keerA1
раз
Ik ga twee keer per week sporten.
de kelderA1
подвал
De fietsen staan in de kelder.
het kenmerkB2
признак, особенность
Noem twee kenmerken van een goede buurt.
de kennisA1
знания
Hij heeft veel kennis van computers.
знакомый (человек)
Een kennis van mij werkt bij die school.
de kennisdelingB2
обмен знаниями
Kennisdeling tussen afdelingen verloopt moeizaam.
het kennisinstituutB2
научно-исследовательский институт
Het kennisinstituut adviseert de overheid.
het kennisniveauB2
уровень знаний
Het kennisniveau van de groep verschilt sterk.
de kennisontwikkelingB2
развитие знаний
Kennisontwikkeling stopt niet na je diploma.
de kennisoverdrachtB2
передача знаний
Kennisoverdracht is niet het enige doel van onderwijs.
de kennistoetsB1
тест на знания
De kennistoets bestaat uit veertig vragen.
de kennisvergaringB2
приобретение знаний
Kennisvergaring gaat verder dan boeken lezen.

