Словарь
3699 слов · страница 68 из 148
de loonbelastingB1
подоходный налог с зарплаты
De loonbelasting wordt direct ingehouden.
de loonstrookA2
расчётный листок
Op je loonstrook zie je de inhoudingen.
de loopbaanB1
карьера
Hij denkt na over een andere loopbaan.
het loopbaanadviesB1
карьерная консультация
Ik heb loopbaanadvies aangevraagd.
lopenA1неправильный
liep · liepen · hebben/zijn gelopen
ходить пешком
Ik loop elke dag naar mijn werk.
идти, длиться (о сроке)
De cursus loopt van september tot juni.
losB1
незакреплённый, болтающийся
De knoop van mijn jas zit los.
loslatenB1отделяемыйнеправильный
liet los · lieten los · hebben losgelaten
отпускать
Je moet het verleden loslaten en verdergaan.
het lotB1
судьба; лотерейный билет
Hij aanvaardde zijn lot zonder klagen.
de luchtA2
воздух; небо
Na de regen is de lucht weer blauw.
de luchtdrukB1
атмосферное давление
Een lage luchtdruk betekent vaak slecht weer.
de luchthavenA2
аэропорт
Schiphol is de grootste luchthaven van Nederland.
de luchtkwaliteitB1
качество воздуха
In de stad is de luchtkwaliteit slechter.
de luciferA1
спичка
Heb je een lucifer?
luiA2
ленивый
Op zondag ben ik lekker lui en doe ik niets.
luisterenA2
luisterde · hebben geluisterd
слушать
Luister goed naar de vraag.
de luistervaardigheidB1
навык аудирования
Voor luistervaardigheid oefen ik met podcasts.
lukkenA2
lukte · zijn gelukt
удаваться
Het is me gelukt!
de lunchA1
обед
De lunch is om half een.
de luxeB1
роскошь
Een auto is voor ons geen luxe maar een noodzaak.
de maagA1
желудок
Ik heb last van mijn maag.
maalB1
раз (умножение ×)
Drie maal vier is twaalf, dat weet elk kind.
de maaltijdA2
приём пищи
Dit is de belangrijkste maaltijd van de dag.
de maanA2
луна
Vannacht is de maan helemaal rond.
de maandA1
месяц
Volgende maand ga ik op vakantie.
de maandagA1
понедельник
Op maandag begin ik om negen uur.

