Словарь
6551 слов · страница 48 из 263
het cursusgeldA2
плата за курс
Het cursusgeld betaal je vooraf.
de cursusleiderA2
руководитель курса
De cursusleider legt het programma uit.
het cvA2
резюме
Stuur je cv mee met de sollicitatie.
de cyberveiligheidB2
кибербезопасность
Cyberveiligheid is een nationale prioriteit.
de daadB1
поступок, деяние
Dat was een moedige daad van de buurman.
de daadkrachtB2
решительность в действиях
Het plan vraagt om daadkracht.
daadwerkelijkB1
действительно, фактически
Het is de vraag of de huur daadwerkelijk omlaag gaat.
daarA1
там
Daar staat mijn fiets.
daar ben ik het mee eensB2
я с этим согласен
Daar ben ik het helemaal mee eens.
daar ben ik het niet mee eensB2
я с этим не согласен
Daar ben ik het niet mee eens, en wel hierom.
daardoorB1
из-за этого, поэтому
De trein had vertraging, daardoor kwam ik te laat.
daarentegenB2
напротив, зато
Hij werkt langzaam; zij daarentegen is heel snel.
daarnaA1
после этого
Eerst eten we, daarna gaan we wandelen.
daarnaastA2
кроме того
Daarnaast volg ik een cursus.
daaromA1
поэтому
Het regende, daarom bleef ik thuis.
de daderB1
преступник, виновник
De politie zoekt nog naar de dader van de inbraak.
de dagA1
день
Elke dag ga ik naar mijn werk.
здравствуйте; до свидания
Dag mevrouw, kan ik u helpen?
de dagbestedingB2
дневная занятость
Hij gaat drie dagen per week naar de dagbesteding.
het dagbladB2
ежедневная газета
Het dagblad verschijnt zes keer per week.
het dagboekB1
дневник
Anne Frank schreef een dagboek in de oorlog.
het dagelijksA1
ежедневно
Ik oefen dagelijks een half uur.
het dakA2
крыша
Het dak lekt bij zware regen.
de dakconstructieB2
конструкция крыши
De dakconstructie moet vernieuwd worden.
de dakloosheidB2
бездомность
Dakloosheid neemt ook onder jongeren toe.
het dalB2
долина
In het dal is het warmer.

