Словарь
2916 слов · страница 41 из 117
de huurwoningB1
арендное жильё
De wachttijd voor een sociale huurwoning is jaren.
het huwelijkA1
брак, свадьба
Hun huwelijk was in juni.
de hypotheekB1
ипотека
Zij hebben een hypotheek van dertig jaar.
het ideeA1
идея
Dat is een goed idee.
het identiteitsbewijsA2
удостоверение личности
Neem een geldig identiteitsbewijs mee.
de identiteitscontroleB1
проверка документов
Bij binnenkomst is er een identiteitscontrole.
iedereA1
каждый
Iedere maandag heb ik les.
iedereenA1
все (люди), каждый
Iedereen is welkom.
iemandA1
кто-то
Er staat iemand voor de deur.
ietsA1
что-то
Wil je iets drinken?
het ijsA1
лёд, мороженое
De kinderen willen een ijsje.
inA1
в
Het zit in de kast.
de inburgeringA2
интеграция (инбюргеринг)
De inburgering is verplicht voor veel nieuwkomers.
het inburgeringsexamenB1
экзамен по интеграции
Zij is geslaagd voor het inburgeringsexamen.
de inburgeringsplichtA2
обязанность интеграции
Voor veel nieuwkomers geldt een inburgeringsplicht.
de incassoB1
автоматическое списание
De huur gaat via automatische incasso.
inclusiefB1
включая
De prijs is inclusief btw en bezorging.
de INDA2
миграционная служба
De IND beslist over je verblijfsaanvraag.
inderdaadA2
действительно
Dat klopt inderdaad.
individueelB1
индивидуальный
Elke leerling krijgt op deze school individuele begeleiding.
de indrukB1
впечатление
Hij maakte een goede indruk tijdens het gesprek.
de industrieA2
промышленность
De industrie verbruikt veel energie.
ineensA2
вдруг, внезапно
Ineens ging het licht in het hele huis uit.
de informatieA1
информация
Meer informatie vind je op de website.
informerenB1
informeerde · hebben geïnformeerd
информировать; наводить справки
Wij informeren u zodra er nieuws is.

