Словарь
2767 слов · страница 37 из 111
hoewelA2
хотя
Hoewel het regende, gingen we toch.
hoiA1
привет
Hoi, hoe is het?
de hondA1
собака
De hond moet hier aangelijnd zijn.
honderdA1
сто
Dat kost ongeveer honderd euro.
de hongerA1
голод
Ik heb honger.
de honingA1
мёд
Doe wat honing in je thee.
het hoofdA1
голова
Mijn hoofd doet pijn.
глава, руководитель
Het hoofd van de afdeling neemt het besluit.
het hoofdgerechtA2
основное блюдо
Het hoofdgerecht was vis met groente.
de hoofdpijnA2
головная боль
Ik heb de hele dag hoofdpijn.
de hoofdstadA2
столица
Amsterdam is de hoofdstad van Nederland.
hoogA1
высокий
Dat gebouw is heel hoog.
de hoogteB1
высота
De vlieger vliegt op grote hoogte boven het strand.
het hoogwaterB1
высокая вода, прилив
Bij hoogwater staan de dijken onder druk.
hopelijkA2
надеюсь, будем надеяться
Hopelijk is het morgen mooi weer voor het feest.
hopenA1
hoopte · hebben gehoopt
надеяться
Ik hoop dat het lukt.
horenA1
hoorde · hebben gehoord
слышать
Ik hoor je niet goed.
относиться к, входить в
Deze oefening hoort bij hoofdstuk drie.
het horlogeA1
наручные часы
Mijn horloge loopt achter.
het hotelA1
гостиница
We slapen twee nachten in een hotel in Brugge.
houdbaarA2
пригодный к употреблению
De melk is nog twee dagen houdbaar.
de houdbaarheidsdatumA2
срок годности
Kijk even naar de houdbaarheidsdatum.
houdenA1неправильный
hield · hielden · hebben gehouden
держать; любить (van)
Ik houd van koffie.
het houtA2
древесина, дерево (материал)
De tafel in onze keuken is van hout.
houtenB1
деревянный
In de keuken staat een grote houten tafel.
de huidA1
кожа
Bescherm je huid tegen de zon.
huidigB1
нынешний, текущий
Wat is uw huidige adres en telefoonnummer?

