Словарь
7809 слов · страница 307 из 313
de zendtijdB2
эфирное время
Elke partij krijgt evenveel zendtijd.
de zenuwB2
нерв
Er zit een zenuw bekneld in zijn rug.
zenuwachtigA2
нервничающий
Ik ben zenuwachtig voor het examen.
het zenuwstelselB2
нервная система
Stress belast het zenuwstelsel.
zesA1
шесть
We eten om zes uur.
zestienA1
шестнадцать
Met zestien jaar mag je in Nederland op een scooter rijden.
zestigA1
шестьдесят
Mijn vader is zestig geworden.
de zetelB1
место (в парламенте)
De partij won vijf zetels in de Tweede Kamer.
zetelenB2
zetelde · hebben gezeteld
находиться, размещаться
Het hoofdkantoor van de bank zetelt in Amsterdam.
zettenA1
zette · hebben gezet
ставить
Zet de stoel bij het raam.
zeurenB2
zeurde · hebben gezeurd
ныть, канючить
De kinderen zeuren al de hele dag om snoep.
zeurende pijnB2
ноющая боль
Het is meer een zeurende pijn dan een scherpe.
zevenA1
семь
Een week heeft zeven dagen.
zeventienA1
семнадцать
Mijn dochter wordt volgende week zeventien jaar.
zeventigA1
семьдесят
Buiten de bebouwde kom mag je zeventig.
het zichtB1
видимость, вид
Door de mist was er weinig zicht op de weg.
zichtbaarB1
видимый
Draag in het donker een zichtbaar hesje op de fiets.
ziekA1
больной
Ik ben vandaag ziek.
het ziekenhuisA2
больница
Ze ligt sinds gisteren in het ziekenhuis.
de ziekenhuisafdelingB2
отделение больницы
Hij ligt op de ziekenhuisafdeling cardiologie.
het ziekenhuisbezoekB1
визит в больницу
Het ziekenhuisbezoek duurde twee uur.
de ziekenhuisopnameB1
госпитализация
Een ziekenhuisopname was niet nodig.
de ziekenhuiszorgB2
стационарная помощь
De ziekenhuiszorg wordt geconcentreerd in grote centra.
de ziekenverzorgerB2
санитар
De ziekenverzorger werkt in de nachtdienst.
zich ziekmeldenA2отделяемыйвозвратный
meldde ziek · hebben ziekgemeld
сообщить о больничном
Je moet je voor negen uur ziekmelden.

