Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

7085 слов · страница 246 из 284

  • verklarenB1

    verklaarde · hebben verklaard

    объяснять; заявлять

    De onderzoekers kunnen de stijging nog niet verklaren.

  • de verklaringB1

    заявление; объяснение

    De getuige legde een verklaring af bij de politie.

  • het verkleinwoordB2

    уменьшительная форма

    Een verkleinwoord krijgt altijd 'het'.

  • verkondigenB1

    verkondigde · hebben verkondigd

    провозглашать, заявлять

    Hij verkondigt overal dat hij de beste kok is.

  • de verkoopA2

    продажа

    De verkoop van elektrische auto's stijgt snel.

  • de verkoopprijsB2

    цена продажи

    De uiteindelijke verkoopprijs lag hoger.

  • verkopenA1неправильный

    verkocht · verkochten · hebben verkocht

    продавать

    Ze verkopen hier verse groente.

  • de verkoperA2

    продавец

    De verkoper hielp me met de maat.

  • verkoudenA2

    простуженный

    Ik ben een beetje verkouden.

  • de verkoudheidA2

    простуда

    Een verkoudheid duurt meestal een week.

  • verkrachtenB1

    verkrachtte · hebben verkracht

    насиловать

    De man werd veroordeeld omdat hij een vrouw had verkracht.

  • verkrijgbaarB1

    в продаже, доступный

    Dit medicijn is zonder recept verkrijgbaar.

  • verkrijgenB1неправильный

    verkreeg · verkregen · hebben verkregen

    получать, приобретать

    Informatie is te verkrijgen bij de balie.

  • verlagenB1

    verlaagde · hebben verlaagd

    понижать

    De regering wil de belasting op arbeid verlagen.

  • het verlangenB2

    тоска, желание

    Hij had een sterk verlangen naar huis.


    тосковать, стремиться; требовать

    Na een lange winter verlang ik naar de zon.

  • verlatenB1неправильный

    verliet · verlieten · hebben verlaten

    покидать

    Wij verlaten het gebouw via de nooduitgang.

  • het verledenB1

    прошлое

    In het verleden woonden hier vooral boeren.

  • verlegenA2

    застенчивый

    Hij is nogal verlegen bij nieuwe mensen.

  • de verlegenheidB2

    застенчивость

    Zijn verlegenheid verdwijnt zodra hij over werk praat.

  • verleidenB1

    verleidde · hebben verleid

    соблазнять, искушать

    Reclame probeert ons te verleiden om meer te kopen.

  • verlenenB1

    verleende · hebben verleend

    предоставлять, выдавать

    De gemeente verleent een vergunning voor het terras.

  • verlengenB2

    verlengde · hebben verlengd

    продлевать

    Je moet je paspoort op tijd laten verlengen.

  • verlichtenB2

    verlichtte · hebben verlicht

    облегчать; освещать

    Deze pillen verlichten de pijn na de operatie.

  • de verlichtingB1

    освещение; облегчение

    De verlichting in de straat is 's nachts te zwak.

  • de verliefdheidB2

    влюблённость

    De eerste verliefdheid duurt zelden lang.