Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

7809 слов · страница 234 из 313

  • startenA2

    startte · hebben/zijn gestart

    заводить(ся), запускать

    Mijn auto wil vanochtend door de kou niet starten.

  • het startkapitaalB2

    стартовый капитал

    Zonder startkapitaal begin je niets.

  • het statiegeldA2

    залог за тару

    Op flessen zit statiegeld.

  • de statiegeldautomaatB2

    автомат приёма тары

    De statiegeldautomaat is weer stuk.

  • het stationA2

    вокзал

    Het station is vlak bij mijn huis.

  • de statistiekB2

    статистика

    De statistiek laat een duidelijke trend zien.

  • de statusB1

    статус (вид на жительство); статус

    Hij wacht nog op zijn status van de IND.

  • stedelijkB2

    городской

    In stedelijke gebieden zijn de huizen kleiner.

  • steedsA2

    всё (более); постоянно

    Het wordt steeds drukker op de weg.

  • de steekB2

    укол, колющая боль; стежок

    Ik voelde een steek in mijn zij tijdens het hardlopen.

  • de steekproefB2

    выборка

    De steekproef was te klein voor harde conclusies.

  • de steenA2

    камень; кирпич

    Er ligt een grote steen midden op het fietspad.

  • de steenkoolB2

    каменный уголь

    De laatste centrale op steenkool sluit binnenkort.

  • steevastB1

    неизменно, всегда

    Op zondag belt mijn moeder steevast om tien uur.

  • de steigerB2

    строительные леса

    De steiger staat er al twee maanden.

  • steilB1

    крутой (о склоне, дороге)

    De weg naar het dorp is smal en steil.


    прямой (о волосах)

    Steil haar krijg je met een föhn.

  • stekenB1неправильный

    stak · staken · hebben gestoken

    жалить; втыкать, засовывать

    Pas op, die bijen kunnen steken.

  • stekende pijnB2

    колющая боль

    Ik voel een stekende pijn in mijn zij.

  • het stelB2

    пара; набор

    Naast ons woont een jong stel met een baby.

  • stelenA2неправильный

    stal · stalen · hebben gestolen

    красть

    Iemand heeft gisteren mijn fiets gestolen.

  • stellenA2

    stelde · hebben gesteld

    ставить; задавать (вопрос)

    Mag ik u een paar vragen stellen?

  • stelligB2

    категоричный, уверенный

    Hij beweerde stellig dat hij gelijk had.

  • de stellingB1

    тезис, утверждение

    Ben je het eens met deze stelling?

  • de stellingnameB2

    занятая позиция

    Zijn stellingname verraste veel collega's.

  • het stelselB2

    система (устройство)

    Nederland heeft een duaal stelsel van zorgverzekeringen.