Словарь
1053 слов · страница 2 из 43
de allergieA2
аллергия
Ik heb een allergie voor noten.
de ambulanceA2
скорая помощь
Bel 112 voor een ambulance.
de analyseA2
анализ
Uit de analyse blijkt iets anders.
de angstA2
страх, тревога
Zijn angst om te falen hield hem tegen.
het antwoordA1
ответ
Ik heb nog geen antwoord op mijn e-mail gekregen.
de apotheekA2
аптека
De apotheek is naast de huisarts.
de appA1
приложение (мобильное)
Met deze app kun je een treinkaartje kopen.
сообщение (в мессенджере)
Ik stuur je vanavond een app.
het apparaatA2
прибор, аппарат
Zet het apparaat uit voordat je het schoonmaakt.
het appartementA2
квартира
Zij huurt een klein appartement.
de appelA1
яблоко
Ik neem een appel mee naar mijn werk.
aprilA1
апрель
In april bloeien de bloemen.
de arbeidsovereenkomstA2
трудовой договор
De arbeidsovereenkomst is voor een jaar.
de armA1
рука
Mijn arm is stijf.
бедный
Veel arme gezinnen krijgen hulp van de gemeente.
het artikelA1
статья
Ik heb een interessant artikel gelezen.
de artsA2
врач
De arts verwees haar door naar het ziekenhuis.
augustusA1
август
Augustus is vaak de warmste maand.
de autoA1
машина
Onze auto staat voor de deur.
de avondA1
вечер
's Avonds kijk ik televisie.
het avondetenA2
ужин
Het avondeten is om zes uur.
de azijnA1
уксус
Doe wat azijn in de salade.
de baanA2
работа (место), должность
Zij heeft een nieuwe baan gevonden.
полоса движения; дорожка
Op de snelweg is de rechter baan afgesloten.
de baardA2
борода
Mijn broer heeft sinds de zomer een baard.
de baasA2
начальник
Mijn baas is vandaag afwezig.
de babyA1
младенец
De baby slaapt nu.
de badkamerA1
ванная
De badkamer is boven.

