Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

3981 слов · страница 18 из 160

  • de bezemA1

    метла

    Pak even de bezem.

  • de bezettingB2

    оккупация

    De bezetting duurde vijf jaar.


    укомплектованность (персоналом)

    Door de lage bezetting moet u vandaag langer wachten.

  • de bezienswaardigheidB1

    достопримечательность

    De grachten zijn de bekendste bezienswaardigheid.

  • het bezoekA1

    гости, визит

    We krijgen vanavond bezoek.

  • de bezoekerA2

    посетитель

    Elke bezoeker krijgt bij de ingang een plattegrond.

  • het bezoekuurA2

    часы посещения

    Het bezoekuur is van twee tot vier.

  • de bezorgdheidB2

    обеспокоенность

    Er is bezorgdheid over de gevolgen.

  • de bezorgdienstB2

    служба доставки

    De bezorgdienst komt tussen vier en zes.

  • de bezorgkostenA2

    стоимость доставки

    Boven de dertig euro betaal je geen bezorgkosten.

  • de bezuinigingB2

    сокращение расходов

    De bezuinigingen treffen vooral het onderwijs.

  • het bezwaarschriftB1

    письменное возражение

    U kunt binnen zes weken een bezwaarschrift indienen.

  • de bezwaartermijnB2

    срок обжалования

    De bezwaartermijn is zes weken.

  • de bibliografieB2

    библиография

    De bibliografie beslaat tien pagina's.

  • de bibliotheekA2

    библиотека

    De bibliotheek is op zondag gesloten.

  • de bibliotheekpasB2

    читательский билет

    Zonder bibliotheekpas kun je niets lenen.

  • het bierA2

    пиво

    Op het terras drinkt hij een glas bier.

  • de bijbaanA2

    подработка

    Naast mijn studie heb ik een bijbaan.

  • de bijdrageA2

    взнос, доплата

    Iedereen betaalt een eigen bijdrage.

  • de bijeenkomstB1

    встреча, собрание

    De gemeente organiseert een bijeenkomst voor nieuwe inwoners.

  • het bijenvolkB2

    пчелиная семья

    Een bijenvolk telt tienduizenden bijen.

  • de bijlageB1

    приложение (к письму)

    In de bijlage vindt u mijn cv.

  • de bijlesB1

    дополнительные занятия

    Hij krijgt bijles voor Nederlands.

  • de bijrijderB1

    пассажир рядом с водителем

    De bijrijder leest de route voor.

  • de bijscholingB2

    повышение квалификации

    Het bedrijf investeert in bijscholing.

  • de bijsluiterB1

    инструкция к лекарству

    Lees altijd de bijsluiter van je medicijn.