Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

505 слов · страница 16 из 21

  • sportiefB1

    спортивный

    Hij is heel sportief.

  • standaardB1

    стандартный; по умолчанию

    Deze telefoon heeft standaard een hoesje erbij.

  • standvastigB2

    стойкий, непоколебимый

    Hij bleef standvastig ondanks de kritiek.

  • steilB2

    крутой (о склоне, дороге)

    De weg naar het dorp is smal en steil.


    прямой (о волосах)

    Steil haar krijg je met een föhn.

  • stelligB2

    категоричный, уверенный

    Hij beweerde stellig dat hij gelijk had.

  • sterkA1

    сильный

    Hij is heel sterk.


    крепкий (о кофе, чае)

    Ik drink 's ochtends graag sterke koffie.

  • stevigB2

    прочный, крепкий

    Het is een stevige tafel.

  • stilA1

    тихий

    Wees even stil, alsjeblieft.

  • stugB2

    жёсткий, негнущийся

    De stof is nogal stug.

  • het stukA1

    кусок

    Wil je een stuk taart?


    сломан, не работает

    De lift is al een week stuk.

  • subjectiefB2

    субъективный

    Zijn oordeel is nogal subjectief.

  • subtielB2

    тонкий, едва уловимый

    Het verschil is subtiel maar belangrijk.

  • subtropischB2

    субтропический

    In een subtropisch klimaat groeien citrusvruchten.

  • succesvolB1

    успешный

    Haar nieuwe bedrijf is erg succesvol.

  • suikervrijA1

    без сахара

    Deze thee is suikervrij.

  • taalgevoelB1

    языковое чутьё

    Na een jaar krijg je meer taalgevoel.

  • technischB1

    технический

    Zij volgt een technische opleiding op het mbo.

  • tegelijkA2

    одновременно

    Praat niet allemaal tegelijk.

  • telefonischB2

    по телефону

    U krijgt telefonisch bericht.

  • teleurgesteldA2

    разочарованный

    Hij was teleurgesteld in het resultaat.

  • teleurstellendB2

    разочаровывающий

    De opkomst was teleurstellend.

  • tengerB2

    хрупкий (о телосложении)

    Zij is tenger gebouwd.

  • terechtB1

    обоснованный, справедливый

    Je klacht is terecht, we lossen het meteen op.

  • terneergeslagenB2

    подавленный

    Hij zat terneergeslagen in de wachtkamer.

  • terughoudendB2

    сдержанный

    De minister reageerde terughoudend.