Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

634 слов · страница 13 из 26

  • oefenenB1

    oefende · hebben geoefend

    упражняться, практиковаться

    Je moet elke dag oefenen.

  • omgaanB1отделяемыйнеправильный

    ging om · gingen om · zijn omgegaan

    обходиться, справляться (omgaan met)

    Hoe ga je om met stress op je werk?

  • onderbouwenB2

    onderbouwde · hebben onderbouwd

    обосновывать

    Kun je die stelling onderbouwen met cijfers?

  • onderbrekenB2неправильный

    onderbrak · onderbraken · hebben onderbroken

    перебивать

    Laat hem uitspreken en onderbreek hem niet.

  • onderduikenB2отделяемыйнеправильный

    dook onder · doken onder · zijn ondergedoken

    уходить в подполье

    Duizenden mensen moesten onderduiken.

  • onderhandelenB1

    onderhandelde · hebben onderhandeld

    вести переговоры

    We onderhandelen nog over de prijs.

  • ondernemenB2неправильный

    ondernam · ondernamen · hebben ondernomen

    предпринимать

    We moeten snel actie ondernemen tegen het probleem.

  • onderscheidenB2неправильный

    onderscheidde · onderscheidden · hebben onderscheiden

    различать

    Onderscheid feiten van meningen.

  • ondersteunenB1

    ondersteunde · hebben ondersteund

    поддерживать, помогать

    De coach ondersteunt nieuwe medewerkers in hun eerste weken.

  • ondertekenenA2

    ondertekende · hebben ondertekend

    подписывать

    Onderteken het contract onderaan.

  • ondertitelenB2

    ondertitelde · hebben ondertiteld

    субтитрировать

    Nederlandse films worden zelden ondertiteld.

  • onderzoekenA2неправильный

    onderzocht · onderzochten · hebben onderzocht

    расследовать

    Journalisten onderzoeken de zaak nog.


    обследовать (пациента)

    De huisarts onderzoekt haar knie.

  • ontbijtenA2неправильный

    ontbeet · ontbeten · hebben ontbeten

    завтракать

    Wij ontbijten om zeven uur.

  • ontbrekenB2неправильный

    ontbrak · ontbraken · hebben ontbroken

    недоставать, отсутствовать

    Op het formulier ontbreekt nog uw handtekening.

  • ontdekkenA2

    ontdekte · hebben ontdekt

    обнаруживать

    Ik ontdekte een fout in het formulier.

  • ontdooienB2

    ontdooide · hebben/zijn ontdooid

    размораживать

    Laat vlees in de koelkast ontdooien.

  • onthoudenA2неправильный

    onthield · onthielden · hebben onthouden

    запоминать

    Ik kan die naam nooit onthouden.

  • ontkennenB2

    ontkende · hebben ontkend

    отрицать

    Hij bleef alles ontkennen.

  • ontmoetenA2

    ontmoette · hebben ontmoet

    встречать, знакомиться

    Ik heb haar op een cursus ontmoet.

  • ontradenB2неправильный

    ontraadde · ontraadden · hebben ontraden

    отговаривать

    De arts ontraadde die combinatie.

  • ontroerenB2

    ontroerde · hebben ontroerd

    трогать, растрогать

    Het verhaal ontroerde de hele zaal.

  • ontslaanA2неправильный

    ontsloeg · ontsloegen · hebben ontslagen

    увольнять

    Er worden dit jaar geen mensen ontslagen.

  • ontsnappenB1

    ontsnapte · zijn ontsnapt

    сбегать

    Twee gevangenen zijn uit de gevangenis ontsnapt.

  • ontspannenB1неправильный

    ontspande · ontspanden · hebben ontspannen

    расслабляться

    In het weekend probeer ik te ontspannen.

  • ontstaanB1неправильный

    ontstond · ontstonden · zijn ontstaan

    возникать

    Door de regen ontstonden er lange files.