Словарь
7809 слов · страница 124 из 313
de kapitaalmarktB2
рынок капитала
De rente op de kapitaalmarkt is gestegen.
de kapiteinB1
капитан
De kapitein van het schip sprak de passagiers toe.
kapotA2
сломанный
Mijn telefoon is kapot, het scherm doet niets meer.
kappenB1
kapte · hebben gekapt
рубить; бросать (разг.)
De gemeente gaat drie oude bomen in de straat kappen.
de kapperA2
парикмахер
Ik heb morgen een afspraak bij de kapper.
de karB1
тележка; машина (разг.)
De boer trok een kar vol hooi over het land.
het karakterB1
характер
Zij heeft een sterk en vrolijk karakter.
het kartelB2
картель
De bedrijven vormden een kartel om de prijzen hoog te houden.
de kasB1
теплица; касса
In het Westland groeien tomaten in grote kassen.
de kassaA2
касса
Bij de kassa is een lange rij.
de kassabonB2
кассовый чек
Bewaar de kassabon voor de garantie.
de kassamedewerkerA2
кассир
De kassamedewerker was heel vriendelijk.
het kassasysteemB2
кассовая система
Het kassasysteem lag er een uur uit.
de kastA1
шкаф
Je jas hangt in de kast.
het kasteelA2
замок
We bezochten een oud kasteel met een gracht.
de katB1
кошка
De kat slaapt op de vensterbank.
de katerB2
похмелье; кот
Na het feest had hij een flinke kater.
het katernB2
тетрадка, раздел газеты
Het economische katern verschijnt op zaterdag.
de kathedraalB1
собор
De kathedraal in het centrum is zeven eeuwen oud.
katholiekB1
католический
In het zuiden van Nederland zijn veel mensen katholiek.
het katoenB2
хлопок
Deze trui is van katoen.
het kattenluikB2
лаз для кошки
Door het kattenluik kan zij zelf naar buiten.
kauwenB2
kauwde · hebben gekauwd
жевать
Kauw goed voordat je het eten doorslikt.
de keelA1
горло
Ik heb pijn in mijn keel.
de keelpijnA2
боль в горле
Ik heb keelpijn en kan slecht slikken.

