Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

4398 слов · страница 120 из 176

  • remmenB1

    remde · hebben geremd

    тормозить

    Bij regen moet je eerder remmen.


    de remmen

    тормоза (мн. ч. от rem)

    De remmen van mijn fiets doen het niet meer.

  • het rendementB2

    доходность

    Het rendement viel tegen.

  • de renovatieB2

    реконструкция, ремонт

    Na de renovatie zijn de huizen beter geïsoleerd.

  • de renteA2

    процент (по вкладу)

    De rente op de spaarrekening is laag.

  • het rentetariefB1

    процентная ставка

    Het rentetarief van deze lening is hoog.

  • de reorganisatieB2

    реорганизация

    Door de reorganisatie verdwijnen er banen.

  • de reparatieA2

    ремонт

    De reparatie wordt door de verhuurder betaald.

  • de reportageB2

    репортаж

    De reportage duurde twintig minuten.

  • het reptielB2

    рептилия

    Een hagedis is een reptiel.

  • de republiekA2

    республика

    Sommigen pleiten voor een republiek.

  • de reputatieB1

    репутация

    Het restaurant heeft een goede reputatie in de buurt.

  • de reserveB2

    запас, резерв

    We houden altijd wat geld in reserve.

  • het respectA2

    уважение

    Met respect kom je verder dan met macht.

  • de respijtzorgB2

    передышка для ухаживающего

    Respijtzorg geeft de mantelzorger even lucht.

  • de respondentB2

    респондент

    Ruim tweehonderd respondenten vulden de vragenlijst in.

  • de responsB2

    отклик, доля ответивших

    De respons op de enquête was laag.

  • de restA2

    остаток, остальное

    De rest van de dag blijf ik lekker thuis.

  • het restafvalB2

    смешанные отходы

    Alles wat overblijft, is restafval.

  • het restaurantA2

    ресторан

    We gaan uit eten in een Italiaans restaurant.

  • de restaurateurB2

    реставратор

    De restaurateur werkte een jaar aan het doek.

  • het restbedragB2

    остаток суммы

    Het restbedrag betaal je bij levering.

  • het restjeA2

    остатки еды

    Van de restjes maak ik morgen soep.

  • de restwaardeB2

    остаточная стоимость

    De restwaarde van de auto is laag.

  • het resultaatA1

    результат

    Het resultaat viel tegen.

  • de retoriekB2

    риторика

    Achter de retoriek zit weinig inhoud.