Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

3699 слов · страница 112 из 148

  • de taalcursusB1

    языковой курс

    Ik volg een taalcursus in het buurthuis.

  • de taaleisB1

    языковое требование

    Er geldt een taaleis van niveau B1.

  • het taalexamenB1

    языковой экзамен

    Het taalexamen bestaat uit vier onderdelen.

  • de taalfoutB1

    языковая ошибка

    In je brief staan een paar taalfouten.

  • taalgevoelB1

    языковое чутьё

    Na een jaar krijg je meer taalgevoel.

  • de taallesA2

    урок языка

    Ik heb twee keer per week taalles.

  • het taalniveauB1

    уровень языка

    Voor die opleiding heb je taalniveau B1 nodig.

  • de taaltoetsA2

    языковой тест

    Voor de cursus doe je eerst een taaltoets.

  • de taalvaardigheidB1

    владение языком

    Je taalvaardigheid gaat snel vooruit.

  • de taartA1

    торт

    Op mijn verjaardag maak ik een taart.

  • de tabelB1

    таблица

    In de tabel zie je de prijzen per maand.

  • tachtigA1

    восемьдесят

    Mijn oma is tachtig jaar.

  • de tafelA1

    стол

    Het eten staat op tafel.

  • de takA2

    ветка

    Er viel een grote tak van de boom op de auto.

  • de takenlijstA2

    список задач

    Ik werk mijn takenlijst af.

  • het takenpakketB1

    круг обязанностей

    Mijn takenpakket is dit jaar uitgebreid.

  • het talentB1

    талант

    Mijn dochter heeft talent voor tekenen.

  • talloosB1

    бесчисленный

    Er zijn talloos veel manieren om Nederlands te oefenen.

  • de tandA1

    зуб

    Er is een tand afgebroken.

  • de tandartsA2

    стоматолог

    Ik ga twee keer per jaar naar de tandarts.

  • de tandenborstelA1

    зубная щётка

    Vergeet je tandenborstel niet.

  • tankenB1

    tankte · hebben getankt

    заправляться

    Ik moet nog even tanken.

  • de tanteA1

    тётя

    Mijn tante komt op bezoek.

  • het tapijtA2

    ковёр

    We hebben een nieuw tapijt gelegd.

  • de tasA1

    сумка

    Mijn tas staat naast de stoel.