Словарь
98 слов · страница 1 из 4
de saladeA1
салат
Bij het vlees eten we salade.
het salarisA2
зарплата
Het salaris wordt aan het einde van de maand betaald.
de salarisschaalA2
тарифная сетка
Ik zit in salarisschaal 7.
de salarisstrookA2
расчётный лист
Bewaar je salarisstrook goed.
de samenlevingA2
общество
De samenleving verandert snel.
de samenwerkingA2
сотрудничество
De samenwerking tussen de afdelingen verloopt goed.
het sapA1
сок
Een glas sap, alstublieft.
de sausA1
соус
Wil je saus bij de patat?
de schaarA1
ножницы
Heb je een schaar voor me?
het schermA2
экран (телефона, кино)
Het scherm van mijn laptop is kapot.
het schilderijA2
картина
Het schilderij hangt in het Rijksmuseum.
de schimmelA2
плесень
In de badkamer zit schimmel op de muur.
het schipA2
корабль, судно
Het schip vaart vanavond van Rotterdam naar Engeland.
de schoenA1
туфля, ботинок
Deze schoen past niet, hij is te klein.
de schoolA1
школа
Mijn kinderen gaan hier naar school.
de schoolgidsA2
школьный справочник
In de schoolgids staan alle regels.
het schoolrapportA2
табель успеваемости
Het schoolrapport komt in juli.
de schooltijdA2
школьное время
Na schooltijd gaan de kinderen naar de opvang.
de schoolvakantieA2
школьные каникулы
In de schoolvakantie zijn de lessen vrij.
de schoondochterA1
невестка
Onze schoondochter komt uit Spanje.
het schoonmaakmiddelA2
чистящее средство
Dit schoonmaakmiddel werkt goed op tegels.
de schoonmoederA1
свекровь, тёща
Mijn schoonmoeder komt zondag eten.
de schoonvaderA1
свёкор, тесть
Mijn schoonvader helpt vaak in de tuin.
de schoonzoonA1
зять
Haar schoonzoon werkt in de bouw.
de schoonzusA1
невестка, золовка
Mijn schoonzus komt uit Italië.

