Словарь
459 слов · страница 10 из 19
spannendA2
волнующий, напряжённый
Het examen vond hij vooral spannend.
de spanningA2
напряжение
Er hing spanning in de kamer.
de sparB2
ель
De spar blijft ook 's winters groen.
sparenA2
spaarde · hebben gespaard
копить
We sparen voor een nieuwe auto.
de specerijB2
специя
Kaneel is een specerij.
speciaalA2
специальный, особый
Dit restaurant heeft een speciaal menu voor kinderen.
speciaal onderwijsB2
специальное образование
Sommige kinderen gaan naar het speciaal onderwijs.
de specialisatieB2
специализация
Zijn specialisatie is arbeidsrecht.
het specialismeB2
врачебная специальность
Voor dit specialisme is de wachttijd lang.
de specialistB1
специалист
De huisarts verwees mij naar een specialist.
specifiekB2
конкретный, особый
Heeft u een specifieke vraag over uw rekening?
de speeltuinB1
детская площадка
De kinderen spelen in de speeltuin.
het spelA2
игра (настольная, компьютерная)
We spelen op zondag vaak een spel met de kinderen.
spelenA1
speelde · hebben gespeeld
играть
De kinderen spelen in de tuin.
происходить, разворачиваться (о действии)
Het verhaal speelt in Amsterdam, vlak na de oorlog.
de spelerA2
игрок
Elke speler krijgt aan het begin vijf kaarten.
het spelletjeB1
игра
Zullen we een spelletje doen?
de spellingB2
орфография
Let bij het schrijfexamen op je spelling.
de spelregelB1
правило игры
Leg de spelregels eerst uit.
de spiegelA1
зеркало
Er hangt een spiegel in de gang.
de spierA1
мышца
Na het sporten doen mijn spieren pijn.
de spierkrachtB2
мышечная сила
Met krachttraining behoud je spierkracht.
de spierscheuringB2
разрыв мышцы
Met een spierscheuring lig je maanden stil.
het spierweefselB2
мышечная ткань
Bij te weinig eiwit verlies je spierweefsel.
spijbelenB2
spijbelde · hebben gespijbeld
прогуливать
Hij spijbelde twee weken lang.
de spijsverteringB2
пищеварение
Beweging helpt de spijsvertering.

