Словарь
11 слов · страница 1 из 1
pakkenA1
pakte · hebben gepakt
брать, хватать
Pak even een glas voor me.
parkerenA2
parkeerde · hebben geparkeerd
парковаться
Hier mag je niet parkeren.
passenA2
paste · hebben gepast
мерить; подходить
Mag ik deze broek even passen?
pinnenA2
pinde · hebben gepind
платить картой
Kan ik hier pinnen?
plannenA2
plande · hebben gepland
планировать
We moeten de verhuizing naar Utrecht goed plannen.
poetsenA1
poetste · hebben gepoetst
чистить
Poets je tanden twee keer per dag.
pratenA1
praatte · hebben gepraat
разговаривать
We praten straks verder.
printenA2
printte · hebben geprint
распечатывать
Kun je dit formulier even printen?
proberenA1
probeerde · hebben geprobeerd
пробовать
Wil je dit even proberen?
proevenA2
proefde · hebben geproefd
пробовать (на вкус)
Wil je even proeven of het goed is?
publicerenA1
publiceerde · hebben gepubliceerd
публиковать
De krant publiceerde het rapport gisteren.

