Je EigenRoute
ВходРегистрация

Словарь

93 слов · страница 2 из 4

  • de peerA1

    груша

    Deze peer is heel zoet.

  • de penA1

    ручка

    Heb je een pen voor me?

  • het pensioenA2

    пенсия

    Zij gaat volgend jaar met pensioen.

  • de peperA1

    перец

    Doe er wat peper op.

  • perA2

    за, на (каждого)

    De kaartjes kosten tien euro per persoon.

  • perfectA2

    идеальный, безупречный

    Je Nederlands is bijna perfect, heel goed gedaan!

  • het perronA2

    платформа

    De trein vertrekt van perron 5.

  • het personeelA2

    персонал

    Het restaurant zoekt nieuw personeel.

  • de persoonA2

    человек, лицо

    Deze kamer is geschikt voor één persoon.

  • de petA2

    кепка

    Mijn zoon draagt altijd een pet op zijn hoofd.

  • de pijnA1

    боль

    Heb je veel pijn?

  • pijnlijkA2

    болезненный

    De behandeling is niet pijnlijk.

  • de pijnstillerA2

    обезболивающее

    Neem een pijnstiller tegen de hoofdpijn.

  • de pilA2

    таблетка

    Neem één pil bij het eten.

  • de pinbetalingA2

    оплата картой

    Alleen pinbetaling is hier mogelijk.

  • de pindakaasA1

    арахисовая паста

    Pindakaas is populair in Nederland.

  • pinnenA2

    pinde · hebben gepind

    платить картой

    Kan ik hier pinnen?

  • de pinpasA2

    банковская карта

    Mijn pinpas werkt niet meer.

  • de pizzaA1

    пицца

    Vanavond bestellen we pizza.

  • de plaatsA1

    место

    Is deze plaats vrij?

  • het plafondA1

    потолок

    Het plafond is net geverfd.

  • het planA1

    план

    Wat is het plan voor morgen?

  • plannenA2

    plande · hebben gepland

    планировать

    We moeten de verhuizing naar Utrecht goed plannen.

  • de plantA1

    растение

    Vergeet de planten niet water te geven.

  • het plasticA2

    пластик

    Plastic gooien we bij ons in een aparte zak.