Словарь
40 слов · страница 2 из 2
de politieA1
полиция
Na het ongeluk belde ik meteen de politie.
politiekA1
политика; политический
In de politiek gaat het vaak om compromissen.
de polsA1
запястье
Ik heb mijn pols verstuikt.
пульс
De verpleegkundige voelt eerst je pols.
de portemonneeA1
кошелёк
Mijn portemonnee zit in mijn tas.
de postzegelA1
марка
Je hebt een postzegel nodig voor deze brief.
pratenA1
praatte · hebben gepraat
разговаривать
We praten straks verder.
preciesA1
точно, именно
De trein vertrekt precies om acht uur.
de preiA1
лук-порей
Doe wat prei in de soep.
de prijsA1
цена
De prijs staat op het etiket.
приз, награда
Zij heeft de eerste prijs gewonnen met haar verhaal.
proberenA1
probeerde · hebben geprobeerd
пробовать
Wil je dit even proberen?
het probleemA1
проблема
We hebben een klein probleem.
de provincieA1
провинция
Nederland telt twaalf provincies.
de prullenbakA1
мусорная корзина
Gooi het papier in de prullenbak.
publicerenA1
publiceerde · hebben gepubliceerd
публиковать
De krant publiceerde het rapport gisteren.
het publiekA1
аудитория; публика
Het programma trekt een jong publiek.

